vrijdag 1 juni 2012

Teunis Koenen en Gradje van Diermen uit de Elisabethstraat

Ik (Eric van der Ent) ben in 1965 geboren in het Elisabethziekenhuis in Utrecht, maar als kind opgegroeid in de Elisabethstraat in Baarn, waar mijn ouders op zolder bij mijn overgrootouders, Teunis Koenen en Gerharda (Gradje) van Diermen, woonden. Over hen, en over het oude arbeidersbuurtje waar zij woonden gaat dit verhaaltje. Dit oude buurtje heeft, omdat ik er ben opgegroeid, mijn speciale interesse. Als er mensen zijn die wat kunnen vertellen over dit buurtje, of oude foto's hebben, dan hoor ik dat natuurlijk graag!


----------------------------------------------------------------------------------------------------------

Op 24 januari 1882 werd Teunis Koenen, echtgenoot van Gerharda van Diermen in Bunschoten geboren. Hij kwam in 1906 vanuit Bunschoten naar Baarn. De bevolking in Bunschoten was onder te verdelen in “De Vissers” en “De Boeren”. De voorouders van Teunis hoorden bij “De Boeren”. In de regel waren de boeren wat rijker dan de vissers. Zij hadden immers grond en boerenbedrijven. Vaak bekleedden de boerenfamilies ook belangrijke funkties. Voorouders van Teunis waren onder andere schepen, burgemeester, kerkmeester en ouderling. Tot ca. 1800 werd de naam nog geschreven als Coenen. Tegenwoordig komt de naam Koenen niet meer voor in Bunschoten-Spakenburg. Het is de familie Koenen niet voor de wind gegaan. Op het moment dat de familie naar Baarn vertrok hadden de familieleden moeite om de eindjes aan elkaar te knopen. Van de bezittingen die de Koenens vroeger hadden is niets meer over.

Teunis ontmoet in Baarn Gerharda (Gradje) van Diermen. Haar naam doet vermoeden dat zij ook uit Bunschoten kwam. Dit is echter niet zo. Er is geen relatie met deze tak gevonden. Zij is op 2 december 1887 in Soest geboren en woonde later met haar ouders in de Elisabethstraat in Baarn. In 1908 trouwde ze met Teunis en vestigden ze zich ook in de Elisabethstraat, een paar huizen verwijderd van Gradje’s ouders Cornelis van Diermen en Neeltje van de Biezen.



Teunis komt net als zijn broers Arie Willem, Wouter en Frans in dienst bij publieke werken in Baarn. Daar zijn ze dan straatvegers, straatlantaarnaanstekers en brandweermannen. Nog steeds geen vetpot dus. Ook Gerharda zal moeten bijdragen in het levensonderhoud. Zij gaat aan het werk als dienstbode en als ze in verwachting raakt van haar kinderen is ze ook zoogmoeder voor rijkere Baarnaars. Dat wil zeggen dat ze kinderen van rijke ouders borstvoeding gaf omdat de echte moeders dit niet wilden of konden doen. Ook heeft zij menigmaal als vroedvrouw gefungeerd als er kinderen in de buurt geboren werden.

De Elisabethstraat was onderdeel van een arbeidersbuurtje tussen de Zandvoortweg en de Berkenweg. De Berkenweg heette destijds Verlengde Dalweg. De Elisabethstraat is vernoemd naar de dochter van Dhr. Nagel die diverse panden in de straat in bezit had. Parallel aan de Elisabethstraat liepen de Dijkweg en de Johannalaan. De Johannalaan is vernoemd naar de echtgenote van huisschilder Teunis van der Woord: Johanna Oomsen. Toen eind 19e eeuw de arbeiderswoningen aan deze laan gerealiseerd werden, noemde Teunis van der Woord deze laan waaraan hij 6 huizen bouwde naar zijn vrouw. Eind jaren zestig van de vorige eeuw is de wijk gesaneerd en is er een nieuwbouwwijk voor in de plaats gekomen. Van de oude Elisabethstraat is nu nog maar een klein stukje over t.h.v. de Zandvoortweg. Dit stukje heet nu Populierenlaan. Ook het huis van Teunis Koenen en Gerharda van Diermen bestaat nog, al is er nu een compleet nieuwe gevel omheen geplaatst.


De nieuwe straten zijn nu haaks over de oude straten gesitueerd en heten Elzenlaan en Goudenregenlaan. Op de plaats van de Johannalaan ligt nu de Essenlaan. In de oude buurt woonden veel mensen die voorkomen in onze stamboom. Ik vertelde al dat de ouders van Gerharda van Diermen, Cornelis van Diermen en Neeltje van de Biezen met hun gezin in de Elisabethstraat woonden. Gijsberta Alida van Diermen, zus van Gradje woonde met haar man Roelof Keppel en kinderen in de Dijkweg. Grietje Koenen, dochter van Teunis en Gerharda vestigde zich met haar gezin in de Dijkweg. Ook haar neef Roelof Keppel, zoon van bovengenoemde Roelof Keppel, getrouwd met Maria Geertruida (Zus) Radstok, woonde in de Dijkweg.


Thea de Ruiter, dochter van Grietje Koenen, kleindochter van Gerharda van Diermen ging na haar huwelijk met Dirk Antonie van der Ent met haar gezin op zolder wonen bij Teunis en Gerharda aan de Elisabethstraat. Teunis en Gerharda Koenen waren toen al op gevorderde leeftijd en kleindochter Thea moest regelmatig het bejaarde echtpaar helpen bij de dagelijkse werkzaamheden. Op een dag stond Opoe Gradje onderaan de trap naar boven te roepen: “Deerntje, deerntje, kom gauw, Opa zit vast!”. Kleindochter Thea spoedde zich naar beneden om te kijken wat er loos was. Opa Teunis probeerde zichzelf aan te kleden en had per ongeluk zijn lange witte onderbroek over zijn hoofd getrokken, omdat hij dacht dat het zijn hemd was. Zijn armen had hij in zijn broekspijpen gestoken en zijn hoofd door de gulp. En zo zat hij muurvast. Opoe Gradje, die een kop kleiner was dan Opa Teunis, huppelde daar in paniek omheen. Af en toe maakte ze een sprongetje voor opa en probeerde zo de lange onderbroek weer over het hoofd van opa te trekken, wat natuurlijk niet lukte. Kleindochter Thea kon er niets aan doen, maar proestte het uit van het lachen. Het was zo’n komisch gezicht om dat bejaarde echtpaar zo bezig te zien. Uiteraard heeft Thea opa Teunis uit zijn lijden verlost en opa weer bevrijd uit zijn lange onderbroek.

Iets dat meer dan eens gebeurde: In het kleine keukentje van Gerharda en Teunis stond naast het fornuis een pannetje met water waar opa Teunis zijn kunstgebit ’s avonds in deed. Op latere leeftijd kon opa steeds slechter horen en ook slechter zien. En zo gebeurde het af en toe dat opa, die altijd vroeg naar bed ging, het gebit niet in het pannetje met water deed, maar per ongeluk in het melkpannetje dat op het fornuis stond om melk voor de koffie op te warmen. Meer dan eens gebeurde het dus dat bij het opschenken van de melk op de koffie ineens opa’s kunstgebit tevoorschijn kwam!!

De laatste jaren van zijn leven ging opa Teunis’ gezondheid hard achteruit. De huisarts vond het op een gegeven moment beter dat opa zijn geliefde borreltje (jenever) liet staan, gewoon omdat dat niet goed was voor zijn gezondheid. Vanzelfsprekend vond opa Teunis, die zijn hele leven graag een borreltje gedronken had, dat geen goed idee en hij was zeker niet van plan om zich aan het advies van de dokter te houden. Opoe Gradje en kleindochter Thea, die nog steeds boven het oude echtpaar woonde, vonden echter dat de dokter gelijk had, dus moest er een list verzonnen worden. Er werd een fles 7-Up ingeslagen en telkens als opa begon te mopperen dat hij geen borrel kreeg werd er een borrelglaasje tevoorschijn gehaald en gevuld met 7-Up. Zo kreeg opa toch zijn borrel. Hij dronk het glas dan in één teug leeg. Het koolzuurgas prikkelde in zijn keel en neus en met een zucht zei opa dan: “Whoa!!! Da’s sterk spul!!!”. Opa Teunis tevreden en Opoe, Thea en de dokter ook tevreden....

Inmiddels is de oude wijk dus gesaneerd, maar nog steeds wonen nakomelingen in de straten die nu op de plek van de oude wijk liggen. Thea de Ruiter en haar man Dirk Anthonie van der Ent wonen nu in de Goudenregenlaan. Naast haar woont haar zus Nelly Margaretha (Nel) de Ruiter met haar echtgenoot Frans Kotten. In dezelfde straat woont om de hoek woont broer Frans de Ruiter met zijn echtgenote Alie van Oostrum. Bovengenoemde Roelof Keppel ging na de sanering met zijn gezin wonen aan de Essenlaan. Die straat loopt precies op de plek waar vroeger de Johannalaan liep. In de Elzenlaan gingen nakomelingen van Arie Willem, broer van Teunis Koenen wonen, namelijk zijn kleinkinderen Adriaan Koenen en zijn echtgenote Tiny Ruijer.

Het oude buurtje was een hechte gemeenschap. Bij mooi weer werden er stoelen buiten op straat neergezet en ging men gezellig met elkaar kletsen. Ook kleine bedrijfjes waren er in het buurtje te vinden. Naast het huis van Teunis Koenen en Gerharda van Diermen zat de handelaar in oud papier, lompen en metalen, Luijer. In de Dijkweg had je de melkboer Nagel, op de hoek met de Zandvoortweg. Nast Nagel zat Nijhof en later Hendrik van Beest, een kruidenier. Daarnaast zat het transportbedrijf van Klaas Duijst. Dat bedrijf verhuisde later naar Soest. Aan de andere kant van de Dijkweg, richting Berkenweg, vond je bakker De Gier, kapper Geijtenbeek en slager Metten. Op de hoek met de Berkenweg zat kruidenier J.H. van de Heuvel en daarnaast, op de hoek met de Johannalaan het sigarenzaakje van tante Saartje met aan de overkant groentehandelaar Ruitenbeek. Op de hoek Elisabethstraat / Berkenweg zat nog stoffeerder / behanger Lüschen.

Terug naar mijn overgrootouders Teunis Koenen en Gradje van Diermen. Gradje was een lieve, zorgzame, diep gelovige vrouw. Zij kon heel goed schrijven, wat heel bijzonder is, aangezien ze maar een paar jaar lagere school gehad heeft. Na haar schooltijd ging ze werken in de wasserij van Van Veen, gevestigd in de Acacialaan te Baarn. Voordat ze met haar dagtaak in de wasserij aanving moest zij samen met haar zus ’s morgens zeer vroeg uit bed om bij bakker Berenkamp in Soestdijk een zogeheten “10 ponder roggebrood” te halen voor het grote gezin Van Diermen. De kruiwagen ging dan ook mee, omdat in het Baarnse Bos hout moest worden gesprokkeld. Dat was een dagelijks terugkerend ritueel. Haar hele getrouwde leven heeft ze op Elisabethstraat 53 gewoond. Nadat haar man Teunis op 4 mei 1973 overleed, trok ze in bij haar dochter Grietje Koenen, die met haar echtgenoot Willem de Ruiter aan de Israëlsstraat 27 in Baarn. Willem en Grietje werden natuurlijk ook ouder, en toen de gezondheid van moeder Gradje achteruit ging werd Opoe Gradje verzorgd in De Blinkert aan de Zandvoortsweg. Op 98-jarige leeftijd kwam ze voor het eerst van haar leven in een ziekenhuis te liggen. Dat was een hele schok voor haar, want vroeger ging je volgens haar alleen naar het ziekenhuis om dood te gaan. Een aardige anekdote is, dat ze tegen een medepatiënte voor het ontbijt zei: “Wacht u even, wij bidden eerst. Als u niet bidden kunt, doe ik dat voor u”. Gerharda haalde de respectabele leeftijd van 102 jaar. Wat zij in haar leven aan ontwikkelingen heeft zien gebeuren is enorm! De eerste fietsen, de eerste auto's verschenen in het straatbeeld, twee wereldoorlogen heeft ze meegemaakt, de eerste man op de maan. Het is bijna niet te bevatten wat er in ruim 100 jaar tijd kan gebeuren! Op haar 100ste verjaardag werd Gradje vereerd met een bezoek van de burgemeester en een felicitatiebrief van onze koningin.

Het aantal mannen en vrouwen dat meer dan honderd jaar oud wordt, is de afgelopen decennia fors toegenomen. Dat blijkt uit in 2007 gepubliceerde cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Momenteel telt Nederland bijna 1400 mensen boven de honderd. In 1997 telde Nederland voor het eerst meer dan duizend honderdplussers terwijl dat er in 1950 nog geen veertig waren. In 1965 was het aantal al gestegen tot ruim honderd. In de meeste gevallen gaat het om vrouwen. Per 1 januari 2007 zijn er bijna zes keer zoveel vrouwen van honderd jaar en ouder als mannen. Begin jaren tachtig was het aantal vrouwelijke honderdplussers nog ongeveer twee maal zo hoog als het aantal mannen.


Het geloof was voor Gradje alles. Ze moest ook niets hebben van mensen die het geloof niet serieus namen. Zo had ze ook een hekel aan Sinterklaas. Dat mensen verkleed als een bisschop door de straten van Baarn liepen vond ze helemaal niets. Mijn vader, Dirk Antonie van der Ent, heeft zich eens, toen de kinderen nog klein waren, verkleed als Sinterklaas. Hij wist destijds nog niet hoe Opoe over Sinterklaas dacht en wilde haar verrassen. Opoe die plotseling deze verklede bisschop voor zich zag staan, wist niet dat mijn vader in dat pak zat. Ze schoot uit haar slof en zei: “Ga weg!! Besodemieter je ouwe moer maar!!”. Dat soort taal waren we niet van Opoe gewend, dus mijn vader wist dat het Opoe ernst was. Hij heeft nooit aan Opoe verteld dat hij in dat pak zat. Ook de kerstboom werd door Opoe gezien als iets heidens. Deze kwam vast niet in huis. Een stalletje met de os en de ezel en het kinderke Jezus... prima. Maar de kerstboom had volgens Opoe niets te maken met het verhaal over de geboorte van Onze Lieve Heer!


Op 7 december 1989 stierf Gerharda van Diermen op 102-jarige leeftijd en werd ze bij haar echtgenoot Teunis begraven op de nieuwe algemene begraafplaats aan de Wijkamplaan in Baarn. Toen Opoe 100 jaar oud werd, heeft de familie het aantal afstammelingen geteld: 6 kinderen (waarvan één jong gestorven), 24 klein-kinderen, 68 achter-klein-kinderen en 29 achter-achter-klein-kinderen. Bij elkaar 127 bloedverwanten in de rechte lijn en 59 aanverwante kinderen. En tot het laatst toe kende ze iedereen bij naam. Een behoorlijke prestatie lijkt me zo!


Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen