8.6.14

Jaap de Ruig, de Eemschilder

Jacob (Jaap) de Ruig (1909-1992)
Vraag een willekeurige Baarnaar, noem eens een echte Baarnse kunstenaar, en negen van de tien antwoordt: Jaap de Ruig. Niet verwonderlijk want deze kunstschilder heeft ons een enorme hoeveelheid schilderijen nagelaten. Zijn bijnaam de Eemschilder had hij niet voor niets, want vaak was hij te vinden in ons polderlandschap aan de Eem om daar onze mooie omgeving te vereeuwigen. Ook bloemen, stillevens en portretten waren geliefde onderwerpen. De portretten van honderden Baarnaars zijn door hem vastgelegd op het canvas.

Landschap in Soest, Jaap de Ruig. Bron foto: Mevr. C. Guillaume-Spil.


Een bekende plek, de rieten dakjes, vastgelegd door vele
kunstenaars, ook door Jaap de Ruig.
Bron: Dhr. J. van de Meent, Baarn.
Jacob (Jaap) de Ruig was een echte Baarnaar. Hij werd geboren op 10 mei 1909 in Baarn en bleef hier ook zijn hele leven wonen. Hij trouwde met Maria Christine (Tine) Zobel. In zijn atelier "De Filosoof" in de Sumatrastraat 5, het adres waar hij ook woonde, gaf hij teken- en schilderlessen. Ook gaf hij les op diverse Baarnse scholen. Zelf kreeg hij les van Van Neijenhuis, Gérard van Wijland en J.M.J. Bolinger.

Regelmatig kom ik bij Baarnaars thuis om oude foto's te scannen. Het is onvoorstelbaar hoe vaak ik werk van Jaap de Ruig tegenkom dat nog steeds een plekje heeft in de Baarnse huiskamers.

Winterlandschap  aan de Eem, Jaap de Ruig
Bron: Mevr. C. Guillaume-Spil

Jaap stierf op 4 augustus 1992 in Baarn op 83 jarige leeftijd, en een jaar later stierf ook zijn echtgenote Tine. Het echtpaar werd begraven op de nieuwe algemene begraafplaats aan de Wijkamplaan alwaar het grafmonument met daarop een afbeelding van een schilderspalet te vinden is.

De twee landschappen die hierboven zijn afgebeeld, in Soest en aan de Eem, zijn afkomstig uit de nalatenschap van het echtpaar Hendrik Spil en Geertruida Jannigje Schagen. Bent u geïnteresseerd in deze werken van Jaap de Ruig? De schilderijen zijn te koop. Prijs nader overeen te komen. Neemt u contact op met mevr. C. Guillaume-Spil via email: cwhguillaume@kpnplanet.nl.

Eric van der Ent

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op  Facebook en Twitter


7.6.14

100% NL, of nee, 100% Baarn

In dit artikel wordt een video vertoond. Als u dit artikel per email ontvangt kunt u de video niet bekijken. Klik dan op de titel van dit artikel om de video op de site te bekijken.

The Chromonicats
U kent vast de radiozender 100% NL, waar uitsluitend muziek van Nederlandse bodem gedraaid wordt. Wij kunnen het echter nog lokaler maken met 100% Baarn!

In Baarn kenden we de muziekgroep de Chromonicats, een behoorlijk succesvolle groep muzikanten die  in het verleden prachtige muziek ten gehore bracht. Meer dan dertig jaar heeft de groep bestaan. Ontstaan uit de Baarnsche Mondharmonica Vereniging Excelsior traden de Chromonicats op in verschillende bezettingen met als vaste leden: Sil van Zijst (vineta), Karel
Ted de Braak
Jansen (knop-mondharmonica) en Bram van Kooi (bas-mondharmonica). Vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw tot ver in de jaren tachtig traden ze op door het hele land en zelfs in Duitsland. In verschillende radioprogramma's waren ze te horen en ook op TV, bijvoorbeeld bij Toi, Toi, Toi, bij Ted, het programma van Ted de Braak, bekend van zijn snor!

Onlangs kreeg ik van Sil van Zijst een CD in mijn handen gedrukt met prachtige opnames van de Chromonicats. De helft van de nummers zijn opgenomen in een studio in Groningen, de andere helft met een omroepwagen van de NOS op het terrein van Eemeroord in Het Gein. De opnames moeten uit begin jaren zeventig stammen. De samenstelling van de groep ten tijde van de opnames was: Sil van Zijst (vineta), Karel Jansen, (knop-mondharmonica), Marianne van Kleef (zang), Bram van Kooi (bas-mondharmonica) en Jaap Hoek (gitaar).

Als lid van de BMV Excelsior was ik een groot bewonderaar van de Chromonicats. Goed, ik speelde zelf ook wel een aardig nootje mondharmonica, al zeg ik het zelf, maar wat zij deden, dat was andere koek. Ik kreeg kippenvel als ik ze hoorde spelen. Nu ik de nummers weer hoor krijg ik het weer. Ik ruik gelijk de muffige lucht van de zaal Astoria waar ze dikwijls optraden.

De familie Harmsen aan de Oosterstraat. Dhr. Harmsen staat op deze
foto nog als jongeman.
100% Baarn dus, maar het wordt nog Baarnser... Op de CD staat het nummer "Mallorca", ik vind het zelf één van mooiste nummers van de Chromonicats. Te tekst van dat liedje is geschreven door dhr. Harmsen, meubelmaker aan de Oosterstraat. Hij bood zich aan om een tekst voor de Chromonicats te schrijven. Sil van Zijst schreef de muziek onder het nummer. De eerlijkheid gebied te zeggen dat Sil nog behoorlijk aan de tekst moest knutselen om er een 'zingbare' tekst van te maken, maar goed, een Baarnse tekstschrijver, een Baarnse componist en een Baarnse Band die het nummer uitvoerde. 100% Baarn dus!

Hieronder kunt u het liedje Mallorca van The Chromonicats beluisteren. Veel plezier!




Eric van der Ent

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op  Facebook en Twitter

5.6.14

De Ondergang van een Volkscultuur deel 2

 
Zondagsrust
Spakenburg in Nood
 
Deel 2 - Op woensdag 20 juli 1932 werd geschreven: Nu de Zuiderzee is afgesloten en weldra de laat­ste bot en de laatste garnaal uit brakkig water zijn overgegaan in de visschersbun, staan de oude stadjes en dorpen langs onze binnenzee voor de lang gevreesde crisis, zal het adem-benemend "Wat nu ?" er spoken om de verweerde gevels. Nu deel 2 van het verhaal.

De groote aantrekkelijkheid van Spakenburg is, zooals wij reeds zeiden, de vrouwenkleedij, welke een nauwe verwantschap vertoont aan Hierden en Nunspeet en ook aan de nog gave dracht van Staphorst en Rouveen. Kenmerkend zijn de kra­lap en de slippenkolder. De kralap is een breede stijve kap van wit katoen met roode bloemen, hóóg welvend over de schouders tot halverwege de borst. De slippenkolder is een lijfje zonder mou­wen, waaraan van achteren met een koperen haak de drie rokken en het schulkje (schortje) worden bevestigd of in letterlijken zin: opgehangen. Onder den kralap steken de rood-geruite boormouwtjes uit, die tot op den elleboog reiken. De muts be­staat uit drie deelen: een zwarte ondermuts, ge­breide tusschenmuts en kanten overmuts, waarbij het haar, dat vroeger glad werd weggestreken, thans naar Urker wijs op het voorhoofd komt uit­bollen. Bij het costuum hoort verder nog een hals­doek, welke ter hoogte van de taille wordt vast­gestoken.
Ten doode opgeschreven...........
   De kleeding der jonge meisjes wijkt in zooverre af van die der oudere, dat zij onder den slippen­kolder een gekleurd, zelfgebreid rokje dragen en meestal een donker of Friesch bonten schulkie. In plaats van de kanten muts dragen zij een "pluum" op het hoofd: een satijnen muts met dikken fran­jerand van sajet.
De kleur van den kralap wisselt sterk. Bij lichten rouw is zij lila, bij zwaren rouw wit en daar de Spakenburgers bijna alle verwant of bevriend zijn, met sterk ontwikkeld saamhoorigheidsgevoel, zijn meestal de donkere kralappen sterk vertegenwoor­digd.

Brandhout in overvloed .......

    Een eigenlijke mannendracht kent Spakenburg niet meer. Vroeger droeg men er het oud-Holland­sche donkerblauwe wambuis met lichtblauwe om­slagen; tegenwoordig zijn de gestreepte boeze­roens en lange zwarte broeken nog in de mode, heel sober en heel eenvoudig. De kleinen méér dan de groeten staat de stemmige dracht toch lang niet kwaad.
Spakenburg is tot in deze dagen nog volop vis­schersdorp. Ruim twee honderd botters liggen er ordelijk gemeerd in het dubbele havenbassin, de kuilen en fuiken hóóg getrokken langs den mast, de vleugels eender ge­richt uit den wind, die er zoo straf kan blazen over de zee en het vlakke land. Nog vormen die schepen en dat bonte tuig den achtergrond van dit volksleven, van den eigen aard en de eigen tra­dities, maar zij hebben voor de pientere knapen, de ferme, eigen-gereide vrouwen geen toekomst meer.

De ononbeerlijke "achtergrond"van het Spakenburger
volksleven: de botters, de netten, de zee.....

Maar wat dan wèl ? Ja, wàt dan wel? Het is een spanning en een benauwing als in een uitgehonger-de veste, die op gena of ongena voor den overmachtigen vijand moet zwichten. Het geeft veel stof tot triest ge­peinzen, nu in dit zomer­tij, als men er dwaalt in den lauwen avond langs de havens naar den een­zamen lichtopstand. Ach­ter baden de huisjes nog in het late licht, rozig en goud, kruipen lange schaduwpartijen door straten en slopjes; vóór ligt de breede plas, uitge­maald in teerste kleuren: paars tot diepblauw, met breede okervlekken onder strak-gespannen hemel. De rust, de verdroomde stilte, is er dan zoo vreemd en onbegrepen en over het smal-gerekte paalhoofd hangt een vage weemoed als het wach­ten op oude, vertrouwde dingen, die nooit meer gaan gebeuren.
 

Arm Spakenburg, wat zal er van je worden ?

 

 
Leen Bakker
Geplaatst door L.J.A.Bakker

http://knipselsuitkranten.nl

http://www.grijsvuur.nl

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter
 

2.6.14

Baarnaars en Barinezen in herdruk?

Baarnaars en Barinezen
De laatste kans om het te bestellen
Eind 2012 hebben we ons boekje Baarnaars en Barinezen uitgegeven. Een enorm succes want in drie maanden tijd werden er naar liefst 700 exemplaren van verkocht. Een enorm aantal, aangezien het toch maar beperkt afzetgebied is. Nadat de volledige druk uitverkocht was kreeg ik toch nog steeds de vraag of er nog exemplaren te verkrijgen zijn. Helaas moest ik steeds nee verkopen. Een kleine oplage zou teveel in de papieren lopen om een 'normale' verkoopprijs te kunnen bieden.

Onlangs deed ik op onze facebookpagina een oproep voor iemand die heel graag het boekje wilde hebben. Ik hoopte dat één van onze volgers het boekje wel wilde verkopen. In plaats daarvan kreeg ik een tiental reacties van mensen die het boekje ook graag wilde hebben. Tijd voor een gesprek met drukkerij BakkerBaarn. Inmiddels heb ik de offerte binnen. Als ik 50 boekjes laat drukken kan ik het verkopen tegen de oorspronkelijke verkoopprijs. Dat was € 19,50.

Goed nieuws dus, maar voordat ik het boekje laat drukken wil ik minstens de helft van het aantal in voorverkoop verkocht hebben. Wilt u het boekje graag hebben? Grijp dan nu uw kans. Stuur een mailtje met uw gegevens naar groenegraf.baarn@gmail.com of bel 035-5420804. Bij voldoende bestellingen laat ik nog een keer 50 boekjes drukken.

Wilt u het ook hebben? Bestel dan snel want op = op.

Hieronder kunt u een filmpje bekijken waarin u kunt zien hoe het boekje de vorige keer bij drukkerij BakkerBaarn gedrukt is.


Eric van der Ent

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op  Facebook en Twitter

30.5.14

De Bunker Paal 20 De Koog Texel (van Atlantikwall tot zomers Koek en Zopie)

Heeft u net als ikzelf ook zo genoten van het verhaal over de schuilkelder plus tunnel in een tuin aan de Baarnse Beatrixlaan?  Alle ingrediënten voor een spannend jongensboek waren aanwezig: een tunnel, ondergrondse kamers, geheime bergplaatsen, wandtekeningen, dichtgemetselde muren en mogelijk ook de dolende zielen van Duitse Wehrmachtsoldaten. Ik wist van het bestaan van deze schuilkelder, maar had hem nooit van dichtbij gezien. Dankzij Groenegraf.nl weten we nu meer. Ook in mijn (jongens) leven speelt een bunker een grote rol, met dit verschil dat ’mijn’ bunker niet in Baarn stond maar op Nederlands grootste Waddeneiland… Texel.  

De Bunker, van Atlantikwall tot zomers Koek en Zopie.
Foto: Collectie Cor Kuip, De Koog (afkomstig van mevrouw Maas-Drach).

Het zit zo: In het jaar 1948 namen mijn oom en tante Bill en Joke Visser als zelfstandig ondernemer de exploitatie over van het reeds lang bestaande Hotel-Café-Restaurant ’Het Witte Huis’ midden in de Texelse badplaats De Koog. Hieraan voorafgaand hadden zij een kleine twee jaar bij ons ingewoond op Spoorstraat 2.

Hotel 'Het Witte Huis'. Vele jaren mijn Texelse thuis en uitvalsbasis voor mijn avonturen. Nu opgenomen in de historie.
Foto: Collectie Ed Vermeulen

Texelse boot, Dokter Wagemaker, toen schepen nog schepen waren. 
Uitgave Boekhandel Parkstraat, Den Burg-Texel. Collectie: Ed Vermeulen
Mijn oom, een broer van mijn moeder, was geboren en getogen in Den Helder en mijn tante kwam uit Leiden, maar woonde al sinds haar jeugd op Texel. In de herfst van 1943 zijn zij in Den Burg,Texel getrouwd. Dit feestelijke moment was voor mij de eerste keer in mijn nog prille bestaan, ik ben van januari 1942, dat ik, waarschijnlijk samen met mijn beide ouders vanuit Den Helder de oversteek over het Marsdiep heb gemaakt. De Texelse boot voer toen nog naar Oudeschild en de overtocht was nog een klein avontuur. Dat wij voor deze reis een speciaal door de Duitse autoriteiten uitgegeven Überfahrtbeweis nodig hadden moge duidelijk zijn, het was immers oorlog en Den Helder een uiterst belangrijke marinehaven, Stützpunkt der Kriegsmarine!   


Een prachtig paar, Joke en Bill Visser en hun bruidsjonker Eddy. 
Mijn eerste bezoek aan Texel, 10 november 1943.
Foto Jan C. Bruin, (bijgenaamd Jan Plaatje) Den Burg
Foto: Collectie Ed Vermeulen


Beginnend in 1948 werd mijn moeder gedurende de zomerseizoenmaanden opgenomen in de huishoudelijke staf van het hotel van haar broer en vulde op deze wijze haar bescheiden inkomen van confectienaaister en hulp in de huishouding aan. Begin juli maakten wij, per trein, de toen nog redelijk lange reis naar Texel. Een kist met kleding etc. was reeds per Van Gend en Loos vooruit gestuurd. Het mooiste van dit alles was het feit dat ik mee mocht of liever gezegd moest. Dat dit voor mij geen straf was moge duidelijk zijn. 


Een vrolijke foto van 'de Baas' en zijn personeel. Links mijn moeder. Zittend op tafel koksmaat Wim Bakker, mijn Koger vriend en buurjongen. 
Foto begin vijftiger jaren vorige eeuw.  Foto: Collectie Ed Vermeulen

Ik was een geluksvogel of zoals u wilt een bofkont; iedere zomer ongeveer twee maanden lang naar Texel. Vrijheid, blijheid! Deze gouden tijd heeft geduurd tot en met de zomer van 1959 toen ik werd aangenomen op de Kweekschool voor de Zeevaart in Amsterdam en mijn moeder een vaste betrekking kreeg in het Baarnse Ziekenhuis, dat toen nog aan de Torenlaan was gevestigd. Texel was inmiddels een wezenlijk onderdeel van mijn, nu ons, bestaan geworden (en is dat nog steeds), ik kende (bijna) iedereen in De Koog en ver daarbuiten, vond er vakantiewerk en vakantieliefdes, of was het andersom? Kortom ik voelde mij op Texel gelukkig. Een geluk dat slechts, weliswaar tijdelijk, ieder jaar opnieuw werd onderbroken wanneer wij eind augustus- begin september de thuisreis naar Baarn moesten ondernemen. Mijn Texelgevoel van toen heb ik vastgelegd in het verhaal De Bunker, Paal 20, De Koog Texel. 
                                     
U kunt dit verhaal lezen door hier te klikken.

Mijn favoriete plek op Texel. De zee gezien vanaf Pad Zeereep, 
een soort duinboulevard. Je hoort er de zee, de meeuwen 
en de wind en als je er oor voor hebt ook de verhalen. 
Een mooiere plek bestaat niet! 
Foto: Ed Vermeulen
Lees over een prachtig staaltje van verantwoord hergebruik van een niet meer gebruikte bunker, heringericht tot zomers Koek en Zopie! Mocht u deze of een toekomstige zomer besluiten om een bezoek te brengen aan Texel, vergeet dan niet mijn favoriete plek op pad Zeereep bij De Koog te bezoeken: volg de Badweg tot aan de laatste kluft, kijk naar rechts naar de plek waar ooit ’mijn’ bunker lag, vervolg uw weg naar links. Luister naar de golven, de wind en de verhalen, zoals beschreven in het gedicht ’De Zee’
                                          
Bedenk bij het lezen van dit verhaal dat ieder mens zijn eigen ’goede oude tijd’ creëert.
 
Pad Zeereep... lees het gedicht 'De Zee' geschreven door 'Thea' en je begrijpt mijn gevoel.
Foto: Ed Vermeulen
Het verhaal ’De Bunker’ werd eerder gepubliceerd in de juni 2012 editie van het  mooie en kleurrijke tijdschrift van de Historische Vereniging Texel en is sinds 25 juni 2013 opgenomen op de verhalensite Oneindig Noord Holland.






Ed Vermeulen (1942)