zaterdag 18 november 2017

Wie, Wat, Waar: De Bierhal, Stationsplein Baarn


Speurder, de speurhond van Groenegraf.nl
Vandaag is een nieuwe uitzending in de rubriek Wie, Wat, Waar? bij RTV Baarn gestart. De rubriek is een samenwerking met Stichting Groenegraf.nl. U kent inmiddels onze speurhond "Speurneus". Tijdens de uitzending van de rubriek Wie, Wat, Waar? graaft Speurneus telkens een foto van Groengraf.nl op. Wij hopen dan dat de kijkers van RTV Baarn en de volgers van Groenegraf.nl de vragen die we hebben over de foto kunnen beantwoorden.




Jaren geleden stond aan het Stationsplein in Baarn, vlakbij het spoor en het station de "Bierhal". De Bierhal werd gebruikt als stationsrestauratie waar reizigers iets konden nuttigen terwijl ze wachtten op de trein. Op de eerste verdieping van het station zelf was nog een overdekt terras te vinden. De obers liepen bij mooi weer continue heen en weer tussen de Bierhal en het overdekt terras waarbij ze ook nog telkens een trap moesten beklimmen.
Van het station en de bierhal zijn prachtige foto's en ansichtkaarten te vinden, maar van het interieur van de bierhal is ons niets bekend. Hoe zag het er van binnen uit? Wie waren de uitbaters? Wanneer is het precies gebouwd en gesloopt?

Wat we precies willen weten leest u op onze site via deze link, of bekijkt u op RTV Baarn. De uitzending blijft ook te zien op onze site via deze link. Op die plek kunt u gelijk ook uw reacties plaatsen.

We zijn heel erg benieuwd of u ons kunt helpen!





De uitzendingen van RTV Baarn zijn te zien via het digitale pakket van Ziggo op kanaal 42 of via de stream op www.rtvbaarn.nlYouTube en Facebook

Ook via Xs4all en Telfort met de witte afstandsbediening op kanaal 626 en via XMS, Edutel, Fiber.nl, Stipte, Lybrandt en Telfort met de zwarte afstandsbediening op kanaal 2125.

Op onze site is deze rubriek te volgen via www.groengraf.nl/wiewatwaar

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

Geïnspireerd geraakt door onze oud Baarn-verhalen?
Kom in actie en deel ook uw herinneringen op Groenegraf.nl.

donderdag 16 november 2017

Gebiedsoriënterend onderzoek Soesterlijn in Baarn

Dit is het gebiedsoriënterend onderzoek, uitgevoerd in mei 2007 door Gerrit J. Zwanenburg  naar de aanwezigheid van zware explosieven/bommenblindgangers ten gevolge van luchtaanvallen in WO2 voor de aanpassingen (ontvlechting) van de Soesterlijn in Baarn.

 Luchtaanvallen algemeen.
In WO2 was het onvermijdelijk dat ook doelen in Nederland zoals havens, werven, schepen, vervoer over water, weg en spoor, industrie etc die door de Duitsers gebruikt konden worden voor hun oorlogsvoering, moesten worden aangevallen. In het begin voornamelijk in het westen van het land, maar naarmate er andere types vliegtuigen beschikbaar kwamen, zoals bv de Mosquito, ook industrie doelen in het oosten. In Engeland was men zich bij de RAF evenwel bewust dat in de door de Duitsers bezette gebieden ‘vrienden’ woonden en probeerde men zo veel mogelijk burgerslachtoffers te vermijden, maar helaas was dit niet altijd mogelijk. Mede ook omdat de Duitsers vaak militaire installaties in en/of vlak bij steden en dorpen hadden.

Wel gold in die tijd t.a.v. alle Nederlandse spoor- en waterwegen dat wanneer aanvallen
werden gedaan op treinen en schepen, die meestal werden uitgevoerd door jachtvliegtuigen
met boordwapens en/of raketten (met, in naar verhouding smalle kanalen meer trefkans) en
lieten deze, behoudens eventueel kapotte locs en/of gezonken schepen, geen gevaarlijk te
achten explosieven achter.
Industriesteden, veelal gelegen aan spoor- en waterwegen waren ook vaak het doelwit van
luchtaanvallen met bommen en hetzelfde gold later ook voor de spoorwegen om de lijnen te
kunnen onderbreken omdat ze konden en werden gebruikt voor vervoer van zaken van
belang voor de Duitse oorlogsvoering, zoals munitie, tanks, geschut en dergelijke. (Omdat
bij treinbeschietingen veelal ook burgers om het leven konden komen en kwamen, werden
die in 1943 opgeschort, maar begin 1944 met het oog op de komende invasie hervat, ook in
Nederland) Eind 1944 en 1945, na het mislukken van Market-Garden, toen met de
spoorwegstaking iedere trein een “Duitse trein’ werd, kwam daar nog bij het vervoer van de
z.g.n. V-wapens, vliegende bommen en raketten, naar hun afvuurplaatsen in Nederland. Het waren lange afstandswapens die voornamelijk werden gebruikt voor aanvallen op
burgerdoelen in Engeland, zoals de City van Londen en ook de stad Antwerpen, toen
aanvoerhaven van de geallieerden. Vooral in oktober 1944 werden daartoe in deze
belangrijke spoorbruggen en emplacementen, waaronder b.v. de bruggen bij Deventer,
Zutphen en Zwolle, alsmede b.v. Het emplacement van Amersfoort uit de lucht aangevallen,
maar aanvankelijk bleef het ook in de regio Baarn redelijk rustig. De eerste keer dat Baarn in de berichtgeving werd genoemd was t.a.v. Luchtaanvallen door Mosquito's van de RAF op 6/7 oktober 1944, waarover de Duitsers meldden dat in de lijn Baarn-Amersfoort de brug
over het Eemkanaal met bommen was aangevallen.

Nadere beschouwing.
In de beschikbare kroniek van Baarn wordt over een aanval op een 'brug over het Eemkanaal' niets gezegd, wel dat er in de morgen van 6 oktober mitrailleur vanuit vliegtuigen was geweest en een bom was gevallen in de Heemstralaan. Ook dat er 's avonds hevig mitrailleur vuur was geweest vanuit een vliegtuig.
Het was die dag, 6 oktober in de regio Baarn-Amersfoort nogal druk geweest in de lucht o.a.
met een aanval op een olieopslagplaats ZW van Amersfoort en het heel goed mogelijk is dat de bom in de Heemstralaan een noodafworp is geweest. Het hevige mitrailleur vuur in de avond moet van een Mosquito zijn geweest waarvan de bemanning rapporteerde op positie Z.3303 met boordwapens een aanval te hebben gedaan op een in NW richting rijdende trein, waarbij treffers op de locomotief werden waargenomen. Deze positie Z.3303 komt vrij nauwkeurig overeen met de spoorlijn tussen Amersfoort en Amsterdam net ten ZW van Baarn. 
Op 8 november 1944 meldde de Kroniek van Baarn: ”Bominslag nabij de spoorlijn achter het Lyceum, waarbij de geneesheer C.J. Van Mansum, wonende aan de da Costalaan werd gewond, huizen beschadigd en zeer veel ruiten verbrijzeld. Die dag rapporteerden 12
Spitfires van No 302 (Pools) Squadron in de RAF aanvallen te hebben gedaan op station en
goederenwagons op het emplacement van Amersfoort waar acht Spitfires 16 bommen
afwierpen, maar geen resultaten konden waarnemen. De andere vier Spitfires wierpen 8 x
250 ponders af op station en goederenwagons op positie Z.3304, een positie die op de toen
gebruikte vliegkaart vrij nauwkeurig overeen komt het station en emplacement van de
Soesterlijn in Baarn. Ruim twee weken later op 25 november kwam de volgende aanval op
station en emplacement van de Soesterlijn.
Die dag stond een rijtuig van de Wagon Lits met een Rode Kruisteken (een wit vlak met een
rood kruis) op het dak geschilderd langs de spoorlijn Amersfoort-Amsterdam, vlak achter de
Ortskommandantur die in het Baarns Lyceum was gevestigd. De Duitsers waren druk bezig
met een goederentrein bestaande uit tientallen gesloten goederwagens via het aansluitspoor van de hoofdlijn Amersfoort-Amsterdam naar het emplacement langs de spoorlijn Baarn-Utrecht te verplaatsen, waarbij de goederentrein beurtelings werd getrokken en geduwd door een Belgische locomotief. Na anderhalf uur was de goederentrein gerangeerd op het spoor tegen de bosrand aan de Torenlaan. Rond 12.30 uur kwamen vanuit het noordwesten acht jachtbommenwerpers die elk twee 500 ponders brisant afwierpen, die alle, op een na doel troffen. Na de bommen kwamen ze terug om ook nog met boordwapens aanvallen uit te voeren. De Belgische locomotief vloog door een voltreffer in stukken in het Baarnsche Bos en de wagons stonden kriskras tegen elkaar gedrukt. De resten van de ketel hingen in de bomen en de tender was 25 meter weggeslagen tegen een na bijstaand seinwachtershuis. De Rode Kruistrein stond nog onbeschadigd op zijn plaats.

De Belgische locomotief ontploft (animatie)


de restanten van de Belgische Locomotief
 Na de aanval werd het gebied door de Duitsers hermetisch afgesloten en werd de hulp ingeroepen van de lokale artsen. De trein bleek geladen met honderden gevorderde paarden, die op transport naar Duitsland stonden te wachten. Er waren veel gedode dieren en de gewonde moesten worden afgemaakt. Ook onder het Duitse personeel waren zwaar gewonden, de machinist en stoker kwamen om het leven. De Baarnsche bevolking kreeg enige dagen paardenvlees te eten. De aanval werd uitgevoerd door 8 Typhoons van No 193 Squadron RAF 2nd TAF. Zij rapporteerden het volgende: “Trein met 15/20 wagons aangevallen op Z.3304 met 16 x 500 ponders brisant. Veel 'near misses' (bommen die zo dicht bij het doel vielen dat ze schade konden toebrengen) en mogelijk twee voltreffers. Bij aanval met boordkanonnen een explosie, trein vernield.” Zover deze melding.
 De Kroniek van Baarn noteerde:”Om12.30 uur en trein gebombardeerd en beschoten vanuit vliegtuigen. Enige woningen beschadigd, o.a. Vondellaan 31 en enkele personen gewond. De locomotief was geheel defect”.Al met al was dit een succesvolle aanval geweest met naar verhouding vrij grote materiele
schade op het emplacement van de Soesterlijn, maar waarbij de hoofdlijn van Amersfoort
naar Amsterdam toch vrijwel ongeschonden bleef. Op de beschikbare foto's is alleen ter
hoogte van Vondellaan 31 enige explosieschade te zien. Vrijwel alle bommen moeten op het emplacement terecht zijn gekomen waardoor de inslagkraters door de bomen niet zijn te
zien. Ruim een week later, op 3 december 1944 kwam er weer een aanval door
jachtbommenwerpers, weer door Typhoons van No 193 Squadron RAF 2nd TAF die
rapporteerden in totaal 15 x 500 ponders brisant te hebben afgeworpen op drie
verschillende posities, waarvan twee, te weten Z.328035 en Z.333028 in en bij Baarn. De
eerste positie Z.328035 komt vrijwel overeen met de spoorwegovergang van de Torenlaan
en Z.333028 met de v-vork waar de Soesterlijn bij de hoofdlijn Amersfoort-Amsterdam
komt. Op de 1ste positie meldden ze 2 voltreffers op de lijn, op de 2de positie 1 voltreffer.
De kroniek van Baarn meldt hierover: ”Door afgeworpen bommen uit vliegtuigen wordt zware schade toegebracht aan woningen op de Torenlaan, Eikenboschweg en Celebesstraat. Te betreuren viel één dode, de heer J.W van de Woestijne, en meerdere gewonden”. Op een beschikbare luchtfoto genomen door een RAF verkenningsvliegtuig op 15 maart 1945 zijn inderdaad een aantal inslagen te zien bij de Torenlaan en Celebesstraat, maar geen op de hoofdlijn Amersfoort-Amsterdam. De Soesterlijn loopt ter plaatse deels door en onder bomen, maar eventuele inslagen daar zijn derhalve niet te zien. Ook bij de v-vork waar de Soesterlijn bij de hoofdlijn komt zijn wel een aantal inslagen in het veld te zien, maar ook daar geen op de spoorlijn zelf.
Hoewel er hierna geen luchtaanvallen meer op emplacement en/of spoorlijn in en bij Baarn
zijn geweest, zou Baarn toch nog op spectaculaire wijze met vliegtuigen te maken krijgen en
wel tijdens het afwerpen van voedsel voor hongerend Nederland door de Lancasters van de
RAF en de B-17's van de USAAF. Voor de RAF 'Operatie Manna' voor de USAAF 'Operatie
Chowhound' en het waren de B-17's van de 100 Bomb Group van de USAAF die op 5 mei
1945 voedsel uitgooiden bij Baarn. Zowel Voor de vliegers in de 'bommenwerpers' als voor de mensen op de grond was er geen beter afscheid van wereldoorlog 2 denkbaar!
 
Resume en conclusie.Met de ontvlechting van de Soesterlijn gaat men in feite ten dele terug naar de situatie zoals
voor, in en na de oorlog t/m 1948 was toen de Soesterlijn eindigde op het eigen
spoorwegemplacement en een eigen station, waardoor de hoofdlijn niet gekruist hoefde te
Baarn het eindpunt van de Soesterlijn waardoor het noodzakelijk werd dat beide sporen van
de hoofdlijn Amersfoort-Amsterdam door de van Soest komende treinen moet worden
gekruist. Aanvankelijk geen - , maar met het drukker worden van het treinverkeer nu wel
een probleem met weer als gevolg de 'ontvlechting'. Toch is een en ander niet van de ene op de andere dag gerealiseerd, want hoewel de treinen vanuit Soest in en na 1948 door reden naar perron 1 op het hoofdstation, is het emplacement van de Oude Soesterlijn tot 1972 in gebruik gebleven als 'goederenemplacement'. Pas daarna is het ontmanteld waarbij de gebouwen grotendeels gesloopt werden en alle rails weggehaald. Het oude station is nu Restaurant de Generaal en een van de bijgebouwen het Oranjemuseum. Hoewel er na de luchtaanvallen in november en december 1944 op de grond toch wel een en ander is gebeurd, zoals bv het opruimen van de kapot gegooide trein en wagons, het algehele onderhoud, de electrificatie van zowel de Soester- als de hoofdlijn en later het ontmantelen van het emplacement, zijn er voor zover bekend geen ongelukken met eventuele bommen blindgangers gebeurd.
 
Concluderend kan worden gesteld dat mede gezien bovengenoemde omstandigheden en de daar vrij harde zandbodem de mogelijkheid dat zich bij de werkzaamheden voor project
'Ontvlechting Soesterlijn' moeilijkheden voor zullen doen met bommen/blindgangers klein
tot zeer klein te achten.
Baarn het eindpunt van de Soesterlijn waardoor het noodzakelijk werd dat beide sporen van de hoofdlijn Amersfoort-Amsterdam door de van Soest komende treinen moet worden gekruist. Aanvankelijk geen - , maar met het drukker worden van het treinverkeer nu wel
een probleem met weer als gevolg de 'ontvlechting'. Toch is een en ander niet van de ene op de andere dag gerealiseerd, want hoewel de treinen vanuit Soest in en na 1948 doorreden naar perron 1 op het hoofdstation, is het emplacement van de Oude Soesterlijn tot 1972 in gebruik gebleven als 'goederenemplacement'. Pas daarna is het ontmanteld waarbij de gebouwen grotendeels gesloopt werden en alle rails weggehaald. Het oude station is nu Restaurant de Generaal en een van de bijgebouwen het Oranjemuseum. Hoewel er na de luchtaanvallen in november en december 1944 op de grond toch wel een en ander is gebeurd, zoals bv het opruimen van de kapot gegooide trein en wagons, het algehele onderhoud, de elektrificatie van zowel de Soester- als de hoofdlijn en later het ontmantelen van het emplacement, zijn er voor zover bekend geen ongelukken met eventuele bommen blindgangers gebeurd.

Hoewel ondergetekende voor dit onderzoek zoals gebruikelijk gaarne de eventuele politie
en/of brandweerarchieven had willen doornemen, bleken die nergens meer aanwezig te zijn! Officieel waren ze overgedragen aan het Eemland Archief in Amersfoort, maar zowel daar als ook in het Provincie Archief in Utrecht en de Gemeente Baarn waren ze niet aanwezig.

Ondergetekende is zelf sinds 1964 in Baarn woonachtig en weet derhalve uit eigen ervaring
dat er bij de werkzaamheden voor het ontmantelen van het emplacement geen, herhaal geen bommenblindgangers zijn gevonden. Gezien zijn werkzaamheden als Bergings Officier bij de Kon. Luchtmacht, waarbij hij zelf ook bij deze materie betrokken was, zou dat zeker bekend zijn geweest. T.a.v van de tijd daar voor, van 1944 tot 1972 zijn er vele gesprekken gevoerd met 'Oud Baarnaars', waaronder mensen van de politie en ook Verzetsmensen die zelf de luchtaanvallen hebben meegemaakt en uiteraard ook de werkzaamheden daarna en alle verklaarden dat voor zover zij zich konden herinneren er geen enkele keer bommenblindgangers zijn aangetroffen.
De nieuw aan te leggen delen spoorrails komen nu naast die van de hoofdlijn te liggen
(spoor 4 deels al aanwezig!) op een plaats waar ook veel is gewerkt, zoals bv bij de
elektrificatie van de lijnen, alsmede regelmatig onderhoud.

Concluderend kan worden gesteld dat mede gezien bovengenoemde omstandigheden en de daar vrij harde zandbodem de mogelijkheid dat zich bij de werkzaamheden voor project
'Ontvlechting Soesterlijn' moeilijkheden voor zullen doen met bommen/blindgangers klein
tot zeer klein te achten.

Bronnen: - Gerrit J. Zwanenburg. Gerrit Jan Zwanenburg was bergingsofficier bij de
                  Luchtmacht van beroep. Hij is overleden op 22 april 2016. 
               - Wim Velthuizen uit Baarn





Geplaatst door L.J.A.Bakker
http://www.grijsvuur.nl

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter  

Kom in actie en deel ook uw Baarnse herinneringen op Groenegraf.nl






donderdag 9 november 2017

De vervuiling van de Eem (2)

Jachthaven bij Restaurant Eemlust/ Piet Kuijer

Het is woensdag 31 januari 1979
 
De Eem

"Vooruit Barend, we hebben dat verhaal van jou over de naam van de Eem nog tegoed", waren mijn woorden om mijn goede vriend uit zijn „historische'' tent te lokken. Wat evenwel niet zo noodzakelijk leek, want Barend popelde gewoon zijn kennis van onze plaatselijke geschiedenis te kunnen spuien.

In zijn uitlegging hij zelfs terug tot het jaar 777, want zo'n 12 eeuwen geleden schonk niemand minder dan Karel de Grote vier bossen aan de Kerk van Sint Maarten te Trecht. In deze schenking aan de Utrechse bisschop werd met nadruk verklaard, dat die bossen gelegen waren ter weerszijden van de Hemi, Een naam voor onze rivier, waarvan later het definitieve Eem afgeleid zou worden, aldus Barend.
Verscheidene kleine beekjes en watertjes, die van de hoge heide of het Gelderse „gebergte" naar beneden kwamen, vormden de oorsprong van deze Hemi, legde Barend uit. Vooral de Lunterse Beek was zo'n "waterleverancier". Overigens vloeide al dat water als Amer naar het lagergelegen land rond Renswoude en Woudenberg, voegde hij er aan toe. Versterkt door de Rhenense wateren tot een flinke stroom. Waar de samenvoeging tot stand kwam vormde zich Amersvoorde.
 
Pluim
„In het boek van Pluim wordt de rivier anders een mogelijke overblijfsel van een zeer oude Rijnarm genoemd", probeerde ik Barend bij deze uitleg beentje te lichten. Bij wat nu de Grebbeberg is zou deze arm de hoofdstroom hebben verlaten om een weg daar de Gelderse Vallei te zoeken. Pluim oppert daarbij als naam Flie, die dan via het vroegere meer Flevo bij het huidige Vlieland, in de Noordzee zou uitmonden. Wat weer de naam Flehite (o.a. terug te vinden in de huidige naam van het Amersfoortse museum) voor deze regio kan verklaren.
 
Barend keek me wat verdwaasd aan en ik haastte me hem met iets positiefs weer gunstig te stemmen. „Overigens vermeldt dat boek van Pluim ook die ordonnantie van Karel die Vijfde uit 1554, die tot verdieping en verbreding van de Eem moest leiden", complimenteerde ik Barend in verband met zijn verhaal van vorige week. Mijn wantrouwen om zijn uitleg in Pluim na te slaan, viel kennelijk niet in goede aarde. Zijn antwoord was ontnuchterend:  “Dat het klopte is niet zo verwonderlijk. Het is, allemaal zwart op wilt te vinden in het Archief voor Kerkelijke en Wereldse Geschiedenissen, inzonderheid van Utrecht. Namelijk in het in 1843 uitgegeven derde deel".

 
Vervuiling
Gelukkig was Barend desondanks bereid me meer te vertellen over die ordonnantie („Oircondt") van 1554. De vervuiling van de Eem was in die jaren maar vaar een klein deel toe te schrijven aan de mensen, die zich langs de oevers vestigden. De veelvuldige overstromingen speelden minstens een even grote rol. Maar voornamelijk het uit de Veluwse beken meegespoelde zand zorgde voor de steeds toenemende klachten. Waarbij - er is dus helemaal niets veranderd! - het ene dorp steeds de schuld op het andere gooide. Amersfoort zelf had reeds de nodige maatregelen genomen om het vuil te keren. Vooral tussen Koppelpoort en de Melm (bij Soest) echter werden de klachten steeds talrijker. De noodzaak van afwatering (Gelderse Vallei) en scheepvaart (de boten konden zo uit de zee tot aan de Melm bij Soest komen) woog zwaar genoeg om tot maatregelen te komen.

De in 1554 in het Utrechtse kantoor ten huize van Mr. Jan van Montfoort opgestelde „Oircondt" (tegenwoordig zouden we van een verordening spreken) was zeer uitgebreid en geprecisiëerd. Er werd in bepaald dat beken, buiten- en binnengrachten moesten worden verdiept. De gebruikers van de landen langs de met name genoemde waterenmoesten de op te hogen oevers („seven of ses voeten vanden oppercanten vanden water") met groenvoorzieningen gaan onderhouden.
Zandbank
Tevens werd verordend dat bij de stad Amersfoort in de rivier een schutting geplaatst moes worden, een halve voet boven de grond. Dit om het zand tegen te houden, dat drie of viermaal moest warden weggenomen en gezuiverd. Ook werd verboden aarde of vuiligheid in de genoemde wateren te werpen of te storten. Barend wees me met enig leedvermaak naar de boeteclausule, die daarvoor in de ordonnantie ongenomen was: „op peene van 't elcker reyse te verbeuren twaalf stuyvers, d' een helft tot profijt vanden aanbrengher en de andere helft tot, profijt vanden officier van den plaetse". 
Het profijtbeginsel deed in die dagen ook al opgeld. Want om de "verdiepinge te becostigen ende het, werck ende de gravinge te doen" moesten de belanghebbende gemeenten geld bijdragen en gravers leveren. Dat ging evenredig aan de grootte van de gemeenten.
Met moeite wilde mijn vriend op die verdeling ingaan, want het aandeel van Baarn bleek in die jaren maar uiterst bescheiden te zijn. Samen met, de Vuursche (of met, „de Vurse met die Venen", zoals toen omschreven werd) behoefde Baarn maar 5 gravers te leveren. Tegen Eembrugge bijvoorbeeld 6, Soest (omschreven als Birckt, Zoest ende Nederseldert met die Venen) 10 en Eemnes-Binnen 4. Opvallend hoge kontingenten gravers daarentegen moesten Eemnes-Buiten (Eemnesse buytendijks) met 15 en Bunschoten met 16 op een totaal van 143 gravers optrommelen.

Milieubelasting
Ook een particulier als Gellebert van Schoonebeecke werd in die verordening flink aangeslagen. Zijn belang was duidelijk: het afgraven en afvoeren van het veen bij Veenendaal. Zelf moest hij drie honderd gulden betalen en zijn "Compagnie" nog eens zeven honderd gulden. „In die Oircondt van 1554 zijn nog vele interessante détails te vinden", zo wilde Barend zijn verhaal voortzetten. Als voorbeeld gaf hij ene Roelof van Wijkersloot, in dit stuk genoemd als Maarschalk van Eemland.
 „Was dat een voorloper van de huidige voorzitter van het gewest Eemland", vroeg ik om ook eens grappig te zijn. Maar het bleek een stadhouder van de Bisschop van Utrecht voor deze regio te zijn. Zo'n bisschop had toen wel heel wat meer in de melk te brokkelen, dan nu onze Commissaris van de Koningin. Dat staat vast.
 
Bron:

Willem de Schrijver
BAARNSCHE COURANT VAN WOENSDAG 31 JANUARI 1979


Geplaatst door L.J.A.Bakker
http://www.grijsvuur.nl

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter  

Kom in actie en deel ook uw Baarnse herinneringen op Groenegraf.nl