vrijdag 18 oktober 2019

De windhaan op de toren van de Pauluskerk



Waarschijnlijk weet iedere Baarnaar het wel, bovenop de toren van de Pauluskerk aan de brink is een mooie goudkleurige windhaan te vinden. Je moet goed kijken wil je hem zien, maar die haan die staat daar, jaar in jaar uit. Niemand die zich er druk over maakt, maar ik vraag me af, wie is er zo dapper geweest om die haan op het puntje van die toren te zetten? En wanneer is die haan erop gezet? Ik moet er persoonlijk niet aan denken om op die toren te klimmen en die haan daarboven te monteren. En wat nu als er onderhoud gepleegd moet worden aan die haan? Dan moet iemand weer naar boven om hem naar beneden te halen. Wie krijg je zo gek om naar boven te klimmen?

steiger op de torenpits gebouwd
foto vanuit Molerusstraat 11
op de ladder bij het haantje
In de zomer van 1929 was het zover, de haan moest naar beneden, ik neem aan voor onderhoud. Wij ontvingen een foto van de kerktoren met op de voorgrond een villa. Op het eerste gezicht is die foto niet zo bijzonder. Er zijn door de jaren heen wel mooiere foto’s van deze toren van de Pauluskerk gemaakt, maar toen ik inzoomde op de foto zag ik een steigerconstructie en een ladder tegen de toren aan staan. En op die ladder staat een man. Op een derde foto staat een man afgebeeld. In zijn handen heeft hij een enorme haan. De foto is overduidelijk op grote hoogte gemaakt. De foto moet genomen zijn op de steiger die op de toren van de Pauluskerk geplaatst is. Achter de man is de horizon te zien.

Achterop de tweede foto staat een tekst geschreven:
"Uit het zolderraam van mijn huis Mollerusstraat nummer 11 des maandag. Deze morgen was tussen 9-12 uur de haan van de toren genomen.” Onder te tekst staat de naamstempel “Jan F. Meursing Baarn".

Een blik in het adresboek van Baarn uit 1917 leerde ons dat J.F. Meursing inderdaad op Mollerusstraat 11 woonde. Als hij vanaf het zolderraam van dat adres een foto van de toren heeft genomen, dan moet de villa op de  voorgrond Mollerusstraat 10 zijn. Mollerusstraat 11 is al lang verdwenen, op die plek staat nu een appartementengebouw, maar Mollerusstraat 10 is daar nog steeds te vinden, en in vrijwel ongewijzigde staat.

Met de tekst achterop de eerste foto zijn we dus wat wijzer geworden, maar een jaartal aan de foto hangen, was nog niet mogelijk, maar gelukkig bracht de derde foto uitkomst. Achterop die foto staat geschreven dat de foto genomen is in de zomer van 1929.

Frederik Hendrik Klaarwater
Nu bent u uiteraard nog benieuwd wie die dappere man is die op het gammele laddertje tegen de toren van de Pauluskerk opgeklommen is. Ook daar kunnen we antwoord op geven. De man met de haan in zijn handen is Frederik Hendrik van Klaarwater (1905-1978), de bekende aannemer  van het Melkpad in Baarn. Van Klaarwater is een zoon van Bernardus Johannes van Klaarwater en Bernardine Helene Tijhuis. Frederik Hendrik volgde zijn vader op in het aannemersbedrijf en bouwde vele panden in Baarn en omgeving. Hij was dus de dappere man die het aandurfde de toren te beklimmen. 

Helaas ging dat niet zonder kleerscheuren. Op de foto staat namelijk nog geschreven dat hij de ladder niet goed had geplaatst, waardoor hij zijn knie blesseerde. Hiervoor heeft hij zelfs in een herstellingsoord gezeten.

Dit was dus het verhaal van Van Klaarwater en de haan op de toren van de Brink. Nu mag dit niet meer van de arbeidsinspectie om de haan van de toren te halen via een steiger met een laddertje, maar in 1929 ging dat blijkbaar wel zo!

vrijdag 11 oktober 2019

Kunstenaar Jan Broerze


Jan Broerze

Jan’s eerste atelier bevond zich toen nog in de Nijverheidsstraat, in een buurtje achter de Pauluskerk /hoek Bosstraat, dat op de nominatie stond te worden afgebroken. Dichtbij het oude Politiebureau.

Jan in z'n jonge jaren in de werkplaats gelegen in de pekingtuin
Wie ooit met hem te maken kreeg passeert niet zonder herinneringen zijn latere atelier in de Pekingtuin. Straatklinkers als vloer, belegd met een paar versleten kleedjes. Een enorme houtkachel troonde in het midden, bij een muur een indrukwekkende oven, werk- en draaibanken, lasapparatuur, soorten gereedschap, klemmen en tal van Jans beelden en plastieken, voltooid of nog in bewerking. Bekende werken van hem zijn, zijn beeld ‘vrouw’ achter het gemeentehuis, zijn ‘reiger’ in het Cantonspark, zijn ‘fluitspeler’ in de Speeldoos of de kolos op zijn graf. Jan Broerze riep emoties op, positieve en negatieve. Maar zeker is: Hij heeft weinigen onberoerd gelaten.

Vrouw bij gemeentehuis






De werksfeer was doorgaans rustig en geconcentreerd maar kon ook zo omslaan, want Jan’s stemmingen waren zo onberekenbaar als het weer. Boeiende verhalen over zijn armoedige jeugd als jongste in een gezin van 15 kinderen, waarvan er maar vijf de volwassen leeftijd haalden, een kijvende moeder die er alleen voor stond – Jan zag zijn vader op zijn zesde dood uit een boom vallen - werden afgewisseld met hilarische of boze verhalen over zijn tijd als stukadoor in de bouw, de slechte bazen en hoe ze die een loer draaiden. (Zo hadden ze eens spinaziezaad door de mortel gedaan waardoor al het stucwerk, toen zij al weer elders werkten, was gaan ontkiemen en uit het craquelé van de muren barstte.) Schoolbesturen, wethouders, rijke stinkerds, voor Jan waren het uitbuiters, die een kunstenaar vaak zonder respect behandelden of zich ver boven hem verheven voelden. Na zo’n onweersbui volgden Jan’s hogedrukgebieden.

Gymzaal de Loef
Op dinsdag haalde Jan op de markt vaak een portie vis en bakte die op een gloeiend hete plaat, waarna hij die met een accu-tang naar de tafel bracht waaraan werd gegeten. Was het koud in de winter, dan werd er met jassen en vingerloze wanten aan stug doorgewerkt.
Dat Jan ook met veel collega-kunstenaars zoals Jaap de Ruig of Monica Keijzer, waarmee hij jarenlang de Nutsschool voor vrije expressie runde, regelmatig overhoop lag, hoorde ze later pas. Hij had van huis uit ook weinig anders meegekregen. Jan bleef een leven lang die eigenzinnige dwarskop, behept met dat extreme rechtvaardigheidsgevoel, wars van autoriteiten, die zich als autodidact snel ondergewaardeerd voelde.


Na een hartaanval stierf Jan in een ziekenhuis in Tiel in 1992. De begrafenisstoet vulde een paar dagen later de Torenlaan van begin tot eind. “Hij was er nog zo eentje, die nu niet meer gemaakt worden” zou mijn moeder gezegd hebben.

Dank aan Cees Roodnat voor het verhaal.


geplaatst door L.J.A.Bakker


vrijdag 4 oktober 2019

Kastelen en Buitenplaatsen

kasteel Groeneveld
kasteel Groeneveld
 Er zijn perioden geweest waarin onze kastelen en buitenplaatsen veel te lijden hadden. In het rampjaar 1672 en in 1673 plunderden en brandschatten de Fransen veel Nederlandse kastelen, zoals Kasteel Amerongen. Wat niet werd herbouwd, kwijnde weg als ruïne of werd gesloopt voor bouwmaterialen en verdween.

Goudestein Maarssen
In de 18de eeuw teerden aristocratische families nog wel eens in op hun vermogen. De economische malaise van de Franse tijd (1794-1815) bracht velen in financiële problemen. Hun buitenplaatsen, onbewoond en onverkoopbaar, werden gesloopt. Rond de Eerste Wereldoorlog en de daarop volgende crisisjaren was er weer geldnood. Sindsdien zijn nog veel buitenplaatsen gesloopt waarvoor men geen doel of geld meer had. Een aantal kastelen en buitenplaatsen werd vernield in het oorlogsgeweld van 1940 - 1945, of verdween door stadsuitbreiding. Van de buitenplaatsen langs de Vecht zijn er zo’n tachtig over; de helft van wat er ooit stond.

Ridderhofstad Hindersteijn



Gebruik = behoud
Naarmate men de waarde van zulke buitenplaatsen ging inzien, werd een toenemend aantal panden gered op initiatief van particulieren, bedrijven of (lokale) overheden. Buitenplaatsen die overleefden, konden alleen blijven bestaan als ze werden bewoond door families met voldoende geld, of als ze rendabel te gebruiken waren voor een ander doel. Dan was er ook geld - zoals subsidies - voor een renovatie, waarbij oude details niet altijd behouden bleven. Vaak worden zulke huizen, al dan niet opgedeeld in appartementen, nog bewoond door particulieren. Verder zijn alle bestemmingen mogelijk: kantoor, kindertehuis/internaat, ziekenhuis, hotel, verzorgingstehuis, opleidingsinstituut, gemeentehuis, museum of vergadercentrum.
Sandwijck

Tuinen en parken
Slechts enkele buitenplaatsen zijn toegankelijk. Goudestein in Maarssen is het gemeentehuis van de gemeente Stichtse Vecht, het koetshuis herbergt het Vechtstreekmuseum. Kasteel De Haar (Haarzuilens) is te bezoeken als museum, evenals Huis Doorn en de kastelen Loenersloot en Amerongen. De tuin van Kasteel Groeneveld (Baarn) is open, terwijl in het kasteel activiteiten en tentoonstellingen plaatsvinden. Van andere huizen is doorgaans alleen de tuin te bezichtigen, zoals Kasteel Broekhuizen (Leersum) of Sandwijck (De Bilt). Het Huis te Linschoten heeft maandelijkse rondleidingen in het Parkbos. De Engelse landschapstuin van landgoed Eyckenstein (Maartensdijk) is op afspraak toegankelijk voor groepen.
De Haar te Haarzuilen

Evenementen: kansen voor bezoekers
Evenementen bieden echter kansen voor bezichtiging van ook andere - normaal gesloten - locaties: Open Monumentendag, een concert, of ‘open tuindagen’ zoals die van de kastelen Hindersteyn en Lunenburg aan de Langbroekerwetering. Bijzonder zijn de klassieke concerten die jaarlijks tweemaal plaatsvinden in het Huis te Linschoten. Veel bezoekersinformatie is te vinden op de website van de Utrechtse Buitenplaatsen.





geplaatst door L.J.A.Bakker



vrijdag 27 september 2019

Rutgers van Rozenburglaan 2 in 1996


Het navolgende artikel kwam ik tegen uit 1996.
Rutgers van Rozenburglaan 2 in 1996
Het bureau Lease Management Servi­ces (LMS) BV is de nieuwe bewoner van het pand Rutgers van Rozenburglaan 2. De vroegere thuishaven van John van de Rest is fraai opgeknapt.
Zowel aan de binnen- als aan de buitenkant heeft LMS getracht de monumentale villa in authentieke staat terug te brengen. In die opzet is uitvoerend bouwbedrijf Bumé zeer zeker geslaagd. Met de verbouwde en in oude luister herstelde panden, waarin sociale academie De Jelburg gehuisvest is geweest, vormt het LMS-home een prachtige entree van onze gemeente.
In februari jongstleden was het vijf jaar geleden dat LMS zich in het pand Amsterdamsestraatweg 41 vestigde.
De keuze voor Baarn hield verband met onder meer de strategische ligging (dichtbij de Al en Schiphol) en de prima ontsluiting voor het bureau dat zowel nationaal als internationaal opereert. Hoewel er slechts veertien personeelsleden zijn ('een heel jong team met een gemiddelde leeftijd van net dertig jaar'), is het bedrijf qua jaaromzet één van de grootste in Baarn. Directeur R.H. van Schou­wenburg is nog steeds verbaasd over de gebrekkige belangstelling van de gemeente. Ook is geen medewerking verleend bij het zoeken naar een geschikt onderkomen. 'De ambtenaar in kwestie zij me dat de gemeente daar niet op ingericht is. We moesten het zelf maar uitzoeken,' aldus de directeur.
LMS heeft het zelf uitgezocht. Het is het bedrijf voor de wind gegaan. De sterke groei heeft genoopt tot het uitkijken naar een grotere behuizing. In november vorig jaar is Rutgers van Rozenburglaan 2 aangekocht. Het pand staat vermeld op de lijst van gemeentelijke monumenten opgesteld in het kader van het Monumenten Inventarisatie Project door de provincie Utrecht en is voorzien van twee sterren oftewel de kwalificatie beeldbepalend.
De villa is een ontwerp van architect C. Sweris en in 1904 voor H. Sweris gebouwd. Het is een huis met twee bouwlagen onder een samengesteld dak met rode kruispannen. De muren zijn opgetrokken uit wit bepleisterde baksteen verlevendigd met banden, boogjes en geveltop van geel verglaasde steen. 'Toen we het kochten, leek het voor het oog opgeknapt. Het rigoureuze werk moest nog gebeuren. Ons uitgangspunt is geweest de villa binnen en buiten in oude structuur terug te brengen, voorover mogelijk. Op het resultaat mogen we best trots zijn, zoals Baarn er eigenlijk trots op mag zijn dat we het pand voor de gemeente in deze staat hebben weten te behouden. De reacties van onze klanten zijn louter positief. Het personeel heeft er een zeer plezierige werkomgeving. Voor ons bedrijf en de gemeente is het een visitekaartje,' stelt de heer Van Schouwenburg. 
LMS stelt, ter gelegenheid van het vijfjarig bestaan, de (zaken-)relaties tevens in de gelegenheid het gerenoveerde pand te komen bewonderen.
De foto is gemaakt door Eddy van Wessel.


geplaatst door L.J.A.Bakker



maandag 23 september 2019

Nieuw? Hoezo nieuw?

Een eeuw Nieuwe algemene begraafplaats

door Eric van der Ent


Zo op het eerste gezicht is het misschien een vreemde combinatie: begraafplaats en feesten. Toch is het tijd voor een feestje op de Nieuwe algemene begraafplaats aan de Wijkamplaan in Baarn. Deze bestaat namelijk dit jaar 100 jaar. We mogen nu wel stellen, de nieuwe begraafplaats is bejaard, maar zeker nog niet uit de tijd!



Dat Baarn een Nieuwe algemene begraafplaats heeft impliceert dat er ook een Oude algemene begraafplaats is. Dat klopt inderdaad, al had het niet veel gescheeld of die oude begraafplaats was totaal verdwenen. Deze begraafplaats werd in 1829 aangelegd, nadat in 1825 het verbod op begraven binnen de bebouwde kom was afgekondigd voor gemeenten met meer dan 1000 inwoners. Voor die tijd werden de Baarnaars in en rond de Hervormde Pauluskerk aan de Brink begraven. Ook vele katholieken vonden daar hun laatste rustplaats. De (toen nieuwe, maar nu oude) begraafplaats werd aangelegd  aan de Kerkhoflaan, later omgedoopt tot Acacialaan. De naam Kerkhoflaan bestond dus al voordat de begraafplaats werd aangelegd. Dat vond zijn oorzaak in het feit dat er aan het andere einde van de Kerkhoflaan een inmiddels lang geleden verdwenen katholiek kerkhof lag, bij de toenmalige katholieke schuilkerk aan de Zandvoortweg. De ingang van de oude begraafplaats is later verplaatst naar de Berkenweg en ligt nu een beetje verscholen achter de brandweerkazerne en de hoge bomen aan de Berkenweg. Deze begraafplaats is zeker een bezoekje waard. Dat kan door de sleutel van het hek op te halen bij het om de hoek gelegen politiebureau.

Prachtig werk van de Werkgroep Oude
Begraafplaats van de Historische Kring
Baerne aan de oude monumenten
(Foto: Historische Kring Baerne)
Het had niet veel gescheeld of de begraafplaats was in de jaren tachtig van de vorige eeuw compleet geruimd. De Historische Kring Baerne, onder aanvoering van Jaap Kruidenier, kon voorkomen dat de gemeente dit stuk geschiedenis voor eeuwig verloren deed gaan. Inmiddels is de begraafplaats tot gemeentelijk monument verklaard en daarmee is deze (hopelijk) beschermd tegen vernietiging. De Werkgroep Oude Begraafplaats van de Historische Kring Baerne verzorgt al jarenlang het onderhoud aan de graven op de begraafplaats en verricht daarmee fantastisch werk!

Bernardus Wijkamp, naamgever
van de laan waaraan de
 begraafplaats gesitueerd is
heeft hier ook zijn laatste
 rustplaats gevonden
(Coll. Stichting Groenegraf.nl)
Ruimtegebrek is er vrijwel zeker de oorzaak van dat er een nieuwe begraafplaats moest komen. In 1914 werd hiervoor door de gemeente van Koningin Emma een terrein aan de Torenlaan gekocht voor het bedrag van 45.000 gulden. Dezelfde Torenlaan zou later de bijnaam “Laan der drie zuchten” krijgen. De eerste zucht stond aan het begin van de laan: het belastingkantoor. De tweede zucht halverwege: het ziekenhuis en de derde, tevens laatste zucht: de begraafplaats met de ingang aan de Eikenboschweg, in 1951 omgedoopt naar Wijkamplaan. Degene naar wie van die laan is vernoemd, is overigens in dat jaar ook begraven op de begraafplaats aan ‘zijn’ laan. Bernard Wijkamp (1879-1951) was onderwijzer in Baarn, zeer actief in de lokale politiek (SDAP en PvdA) en later ook in de landelijke politiek.



De aula vlak na de bouw, ontworpen door gemeentearchitect F.F. de Boois (Coll. Stichting Groenegraf.nl)
De prachtige ingang, dienstwoning en aula van de begraafplaats werden in Oost-Indische stijl ontworpen door gemeentearchitect F.F. de Boois (1874-1948) en zijn recentelijk prachtig gerestaureerd. De begraafplaats werd ingedeeld in 6 klassen. Hoe armer de mensen, hoe hoger de klasse. De indeling is rustiek en sfeervol met rondlopende paden die langs de graven voeren. Latere uitbreidingen van de begraafplaats kregen lange rechte paden waardoor de indeling van die gedeelten wat ‘zakelijker’ overkomt.

De serene rust nodigt uit tot een wandeling over onze mooie begraafplaats
(Foto: Stichting Groenegraf.nl)

Het eenvoudige grafmonument van Escher
(Foto: Stichting Groenegraf.nl)
De eerste teraardebestelling vond plaats op 8 januari 1919, dit jaar dus precies 100 jaar geleden. Die twijfelachtige eer viel te beurt aan Clazina de Jong (1842-1919), echtgenote van Bart Grootveld. In 1935 is haar graf geruimd. Duizenden Baarnaars volgden en werden hier ter aarde besteld. Op onze website www.groenegraf.nl kunt u vele levensverhalen en oude foto’s van deze Baarnaars terug vinden. Bekende personen die hier hun laatste rustplaats vonden zijn bijvoorbeeld: de wereldberoemde kunstenaar en graficus Maurits Escher, beroemd geworden door zijn complexe, wiskundige kunstwerken heeft helaas een zeer eenvoudig grafmonument gekregen. Eén van zijn prachtige kunstwerken zou niet hebben misstaan op zijn graf.
Frans Stracké, Jaap de Ruig, Jan Broerze, Else Lohmann, Jim Frater, Daniël Been en Gerrit Haverkamp zijn ook voorbeelden van (lokaal) bekende kunstenaars, hier begraven. Baarnse burgervaders zoals d’ Aulnis de Bourouill, Rutgers van Rozenburg en Miedema, en wat te denken van topvoetballer Manus van Diermen die diverse wedstrijden in het Nederlands Elftal op zijn naam heeft staan.

Begrafenis van een bijzondere Baarnaar: dahliakoning Hendrik Hornsveld in 1956
(Coll. Anneke van Dalen)

Wat mij betreft is het echter niet belangrijk of iemand bekend of ‘belangrijk’ was. Elke persoon op onze begraafplaats heeft zijn eigen verhaal en zijn eigen plek in de historie. De begraafplaats staat bol van geschiedenis. Om die reden is het heel belangrijk dat de oude begraafplaats door de inzet van de Historische Kring Baerne voor ons nageslacht bewaard blijft en ook voor de door het Gemeentelijk team (onder leiding van beheerder Jan Naber) schitterend onderhouden Nieuwe begraafplaats moeten belangrijke keuzes gemaakt worden. Welke graven moeten voor het nageslacht bewaard blijven en welke kunnen geruimd worden? Ik ben blij dat ik dat niet hoef te beslissen. Wat mij betreft mogen alle en natuurlijk vooral de oude graven, gespaard blijven. In de praktijk weten we dat dit op basis van de te volgen regelgeving uiteraard niet zo werkt, maar laten we zuinig zijn op de 100 jaar geschiedenis die hier te vinden is: eenmaal verdwenen, blijft verdwenen!


Eric van der Ent

















Dit verhaal verscheen op maandag 23 september 2019 in de Baarnsche Courant  in de rubriek

 ’Vandaag is morgen alweer gisteren 


‘Vandaag is morgen alweer gisteren’ is een initiatief van de Historische Kring Baerne en Stichting Groenegraf.nl en verschijnt periodiek op maandag in de Baarnsche Courant en in het weblog van Groenegraf.nl. De verhalen worden afwisselend geschreven door 
Ed Vermeulen en Eric van der Ent. 

Wilt u meer lezen over oud Baarn?

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

Bent u geïnspireerd geraakt door dit oud-Baarn verhaal en wilt u zelf eens wat 
schrijven voor onze website? Stuur uw verhaal dan
 per email aan groenegraf.baarn@gmail.com