10.10.16

De Posbank met een Baarns randje

door Eric van der Ent

Nee, ik heb het niet over de Postbank (inmiddels overgenomen door de ING-bank), maar de Pos-Bank, zonder 't', het natuurmonument op de zuidelijke Veluwe in de buurt van Rheden. U kent het gebied vast wel, u zult er hebben gewandeld of gefietst. Maar tijdens dat wandelen of fietsen heeft u zeer waarschijnlijk nooit gedacht dat er een connectie met Baarn zou kunnen zijn.

De Posbank
(Bron: Wikipedia)
Bron: Bicycle Dutch
De Posbank is ook de naam van een monument dat in 1921 onthuld is op de Posberg in het natuurgebied Herikhuizerveld. De eerste connectie met Baarn is dat dit monument ontworpen is door architect J.H.W. Leliman, die aan de Waldeck Pyrmontlaanlaan 20 in Baarn woonde in de door hem zelf ontworpen villa 'In de Leli'. Deze Willem Leliman was overigens ook de ontwerper van de bekende A.N.W.B.-paddenstoel. Zie hiervoor het verhaal Baarnse voorloper van TomTom in ons weblog.

Het monument 'De Posbank' is een stenen gemetselde bank. Een steen met opschrift in de bank vertelt de reden waarom dit monument is opgericht. Op de steen is te lezen:


G.A. Pos
tweede voorzitter
hoofdconsul van den A.N.W.B.
Toeristenbond voor Nederland
1893    7 Mei     1918

Daaronder de spreuken:

Hij effende banen voor het vreedzaam verkeer tussen volken.
Duizenden bracht hij tot de natuur.
Den Nederlander deed hij Neerlands schoon kennen, waarderen en liefhebben.

En hier hebben we de tweede connectie met Baarn:

Gerard Adriaan Pos in 1906
(bron: Nationaal Archief)
Gerard Adriaan Pos is geboren op 13 juli 1865 te Amsterdam als zoon van Jan Pos en Diederica Jacoba Engelina van der Sleesen. Jan en Diederica vestigden zich met hun gezin in Baarn en vonden hun laatste rustplaats op de oude algemene begraafplaats in Baarn.


Ook Gerard Adriaan vond zijn weg in Baarn. Hij trouwde in 1895 met Diderica Elsje Greidanus (1870-1937) en vestigde zich in villa Johanshoeve aan de Jacob van Lenneplaan in Baarn.
Deze villa bestaat nog steeds, maar is inmiddels omgedoopt. In 1921 kreeg het de naam 'Panna Radja' en tegenwoordig heet de villa 'De Bakermat'.

Villa Johanshoeve in 1905, toenmalige bewoner: Gerard Adriaan Pos
(Bron: Archief Eemland)
Als u denkt dat de naam van Pos' echtgenote 'Greidanus', u bekend voor komt, dat klopt! Diderica was een dochter van Sijtze Greidanus, hofarts op paleis Soestdijk. 

De jubileumboeken van de ANWB, samengesteld door
G.A. Pos en zijn zwager G.L. Hasseleij Kirchner
Gerard Adriaan Pos was mede-oprichter van de ANWB. In 1908 bestond de ANWB 25 jaar en ter gelegenheid van dit heugelijke feit werden vier jubileumboeken uitgegeven genaamd 'Ons Eigen Land'. Gerard Adriaan stelde deze boeken samen en dat deed hij met zijn zwager George Lodewijk Hasseleij Kirchner, alweer een Baarnaar!

Het dagelijks bestuur van de ANWB.
Links vooraan G.A. Pos
(bron: delpher.nl, tijdschrift Op de Hoogte, 1908)
Pos werd in 1887 lid van de Toeristenbond. Op 7 mei 1893 nam hij de functie van dagelijks bestuurslid op zich. Hij werd tweede secretaris-archivaris. In 1895 werd hij benoemd tot tweede voorzitter. Hij was grondlegger van de Ligue Internationale des Associations Touristen, in principe opgericht in 1897 te Amsterdam en definitief te Luxemburg in 1898. Toen de L.I.A.T. tengevolge van de Eerste Wereldoorlog was uiteengespat, ijverde Pos zich voor herstel. In 1919 werd in Brussel de Alliance Internationale du Tourisme opgericht.

Pos was ook medeoprichter van de vereniging 'De Hollandsche Molen' in 1923 en hij was ondervoorzitter van de Algemeene Nederlandsche Vereeniging voor Vreemdelingenverkeer en bestuurslid van de Vereeniging tot behoud van Natuurmonumenten. In de A.N.W.B. had hij als dagelijks bestuurslid zitting en leiding in vele commissies.
Je mag dus rustig stellen dat Gerard Pos zich heeft ingezet voor de bevordering van het toerisme in Nederland.



De onthulling van de Posbank in 1921. In het midden op de bank zit naamgever Gerard Adriaan Pos met
naast hem zijn echtgenote Diderika Elsje Greidanus.
(Bron: Nationaal Archief)

Gerard Adriaan Pos in 1921, poserend bij een
ANWB wegwijzer die verwijst naar 'zijn'
Posbank en Posberg.
(Bron: Nationaal Archief)
In 1918 vierde Pos dus zijn 25-jarig jubileum bij de ANWB en voor zijn inzet werd het monument (De Posbank) opgericht. Drie jaar later, in 1921 werd het monument onthuld. Vanaf toen zou dat monument en daardoor het gebied, zijn naam dragen. Het moet voor hem een vreemd gevoel, maar vooral een hele eer zijn geweest, om voor een foto te poseren bij een ANWB bordje waarop verwezen wordt naar 'zijn' bank.

Nog altijd zijn de Pos-Bank en de Pos-Berg,
een begrip in Nederland.




De Posbank in 1921 in volle glorie, direct na de onthulling.
(Bron: Nationaal Archief)
Diderica Elsje Greidanus en Gerard Adriaan Pos
(Bron: Bicycle Dutch)
Onze bekende Baarnaar heeft zonder twijfel een flinke stempel gedrukt op de promotie van het toerisme in Nederland. Zijn echtgenote D.E. Pos-Greidanus heeft het nodige gedaan om in ons Eemland een prachtig stelsel van rijwielpaden aan te laten leggen. Zij fietste in die tijd graag door de natuur in ons mooie Eemland, maar de zandpaden in het bos waren nu niet bepaald fiets-vriendelijk te noemen. Zij overlegde met haar echtgenote, bestuurslid van de ANWB.
Zo richtte de A.N.W.B. op 4 maart 1914 op haar initiatief de Vereniging voor aanleg en onderhoud van wielerpaden Gooi en Eemland op. Het eerste pad werd aangelegd van Baarn, nabij Groeneveld, via 't Bluk naar Naarden. In 1919 werden daar ook de eerste ANWB Paddenstoelen geplaatst. Nog steeds plukken we als fietsers in het Eemland de vruchten van haar initiatief.

Fietskaart van het Eemland, uitgegeven door de ANWB in 1925

De laagtste rustplaats van het echtpaar Pos-Greidanus
(Bron: graftombe.nl)
Het echtpaar Pos-Greidanus verhuisde rond 1920 naar Blaricum. Daar bewoonden ze villa 'De Zonnetop', ontworpen door, u raadt het al, architect Willem Leliman. Gerard Adriaan Pos stierf in 1933 op 68-jarige leeftijd. Echtgenote Diderika Elsje Greidanus stierf vier jaar later, op 67-jarige leeftijd. Het echtpaar is begraven op de begraafplaats bij de Ned. Herv. Kerk.

Voor meer informatie over de geschiedenis van rijwielpaden in het Eemland verwijs ik naar het (Engelstalige) weblog Bicycle Dutch. Daar vindt u een prachtig artikel van de hand van Mark Wagenbuur.

Met dank aan Sander Funcke, Bunnik, afstammeling van Gerard Adriaan Pos. Hij bracht mij op het idee voor dit verhaal.

Eric van der Ent













Dit verhaal verscheen op maandag 10 oktober 2016 in de Baarnsche Courant  in de rubriek

  ’Vandaag is morgen alweer gisteren (bruggetjes naar vroeger)’

Deze rubriek is een samenwerking tussen de Historische Kring Baerne en Groenegraf.nl    





Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter. 

8.10.16

Wie, wat, waar: Baarnaars op glasnegatieven

Speurder, de speurhond van Groenegraf.nl
Vandaag is een nieuwe uitzending in de rubriek Wie, Wat, Waar? bij RTV Baarn gestart. De rubriek is een samenwerking met Stichting Groenegraf.nl. U kent inmiddels onze speurhond "Speurneus". Tijdens de uitzending van de rubriek Wie, Wat, Waar? graaft Speurneus telkens een foto van Groengraf.nl op. Wij hopen dan dat de kijkers van RTV Baarn en de volgers van Groenegraf.nl de vragen die we hebben over de foto kunnen beantwoorden.








Dit zijn drie glasnegatieven. Ze zijn gemaakt door fotograaf N.W. Klein die bij het kruispunt de Oude Utrechtseweg en de Karel van der Heijdenlaan woonde.

Wie herkent deze personen? De foto's zijn rond de Tweede Wereld oorlog gemaakt, en we weten dat op de twee linker fotos meneer en mevrouw Kaldewaï uit Soest afgebeeld zijn.

Wat we precies willen weten leest u op onze site via deze link, of bekijkt u op RTV Baarn. De uitzending blijft ook te zien op onze site via deze link. Op die plek kunt u gelijk ook uw reacties plaatsen. Wie kan ons meer vertellen over deze personen?

We zijn heel erg benieuwd of u ons kunt helpen!

UPDATE 20-10-2016: Dhr. H. Kroon uit Baarn kon ons vertellen dat dit het echtpaar Hendrik Kaldewaij en Tetje van der Heide uit Soest is. 
Hendrik Kaldewaij is geboren op 26-02-1916, zoon van Marinus Kaldewaij en Margje de Goede. Hendrik is overleden op 29-12-1994, 78 jaar oud. Hij is begraven op 02-01-1995 in Bergum, begraafplaats Kruiskerk.
Beroep:
eigenaar wasserij te Soest (Hendrik nam de zaak van zijn vader over en maakte er een wasserij van.)
Hendrik trouwde op 02-08 (jaar onbekend) met Tetje van der Heide. Tetje is geboren omstreeks 1916. Tetje is overleden in 2009, ongeveer 93 jaar oud. Zij is begraven in Bergum, begraafplaats Kruiskerk. 




RTV Baarn kunt u ontvangen via het digitale pakket van Ziggo op kanaal 42 of via de stream op www.rtvbaarn.nl, YouTube en Facebook.

Op onze site is deze rubriek te volgen via www.groengraf.nl/wiewatwaar

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

6.10.16

Prinses Wilhelmina werd 70 jaar

Prinses Wilhelmina
in augustus 1950
Op 31 augustus 1950 werd prinses Wilhelmina zeventig jaar. Dankbaar gedenken wij de grootheid van deze waarlijk Koninklijke vrouw.

Hoe lang duurt het, eer een volk zijn vorstin werkelijk leert kennen? Niet als staats­hoofd, niet als symbool en incarnatie van het koningschap, niet als officiële persoonlijkheid, maar als werkelijk een van de zijnen, als mens onder de mensen?

De vraag is in het algemeen niet te beantwoorden. Daarvoor hangt in elk individueel geval te veel af van de persoonlijkheid der vorstin en de aard van haar volk. Wanneer dan de vorstin een sterk en onbuigzaam karakter bezit en er binnen de door de grondwet getrokken grenzen naar streeft, de waardigheid van het koning­schap onverkort te bewaren en wanneer dan haar volk is als het Nederlandse: nuchter, doorgaans met weinig fantasie begaafd, wantrouwig tegenover elke spontaneïteit, bang om uitdrukking te geven aan zijn diepste en waarachtigste gevoelens, een volk, dat meer gelooft in het begrip organisatie dan in het begrip liefde, dan is het niet zo moeilijk te begrijpen, waarom het zo lang geduurd heeft, eer prinses Wilhelmina, toen zij nog koningin der Nederlanden was, oog in oog stond met het Nederlandse volk, eer zij elkaar volkomen hadden begrepen en het Nederlandse volk had ervaren, dat het tot in de diepste vezelen van zijn wezen verbonden is met en verknocht aan deze grote vrouw.

Een halve eeuw lang heeft prinses Wilhelmina de last van de regeringsverantwoordelijkheid, die haar als jong meisje was opgelegd, gedragen. Zij heeft, wat men pleegt te noemen, een lange en gezegende regering gehad. Maar wat zij, die deze term meestal zo vlot gebruiken, vaak over het hoofd zien is, hoe zwaar, hoe vol zorgen en teleurstellingen, lijden en strijd deze "gezegende" regeringsperiode is geweest. Want een groot deel van deze halve eeuw is vervuld geweest van het tumult van oorlogen, van politieke beroeringen en van het schrijnende zeer van economische crisis, mensonterende massawerkloosheid en geestelijke ontreddering. En tegelijkertijd, mag men aannemen, zijn aan prinses Wilhelmina in haar persoonlijk leven niet gespaard gebleven de teleurstellingen en het verdriet, die elk menselijk leven bezoeken.

Het is voor de buitenstaander onvoorstelbaar, hoe zwaar de som van dit alles gedrukt moet hebben op een "mensenleven, dat in alle opzichten een voorbeeld is geweest van moed, wilskracht, plichtsbesef en geloof. Alleen een, zeer grote en sterke persoonlijkheid moet in staat zijn geweest dit alles te dragen en te verdragen, zonder te wankelen, zonder in de moeilijkste ogenblikken te falen. Een, die beter dan welke buitenstaander ook het leven van prinses Wilhelmina gedurende een lange periode heeft gekend, heeft twee jaar geleden op het moment van haar eigen troonsbestijging in de Nieuwe Kerk te Amsterdam op een onvergetelijk ogenblik verklaard, dat zij slechts na lange en intense zelfstrijd het besluit had kunnen nemen de taak, die haar moeder vijftig jaar lang had vervuld, over te nemen.

Dat was geen frase, maar de onthulling van een schier tragische realiteit, waaraan het Nederlandse volk vijftig jaar lang had vervuld, over te nemen. Gijsbreght van Aemstel's Badeloch wist reeds, dat het menselijk geluk gemakkelijker tot bloei komt onder een laag en nederig dak dan in een hoog boven het geboomte uitrijzend gebouw, waarop elke storm zijn kracht breekt. Maar wat dichters zeggen, wordt meestal slecht begrepen door wie hen lezen en nog slechter door wie hen vereren zonder hen ooit te lezen.

Aan de grote meerderheid van het volk is deze bittere waarheid in ieder geval lange tijd ontgaan. Die meerderheid toonde zich vaak onverschillig. Zij aanvaardde het koningschap en haar die het bekleedde, maar zij aanvaardde zonder te begrijpen en vaak zonder warmte in het hart.

Toch genoot het koningshuis in Nederland een bij talrijke gelegenheden aan de dag tredende populariteit, zij het niet steeds onder alle lagen en groepen der bevolking. Maar deze populariteit berustte vaak meer op algemene en abstracte overwegingen dan op een sterk persoonlijk gevoel. De geestdrift, die zij wekte en waarover in de vooroorlogse kranten nu en dan met overdreven en smakeloze lyriek werd geschreven, soms door mensen die in de oorlogstijd de eersten bleken om zich van het koningshuis af te wenden, vertoonde vaak een wat al te demonstratief gelegenheidskarakter. En in dit land, waar men nu eenmaal zweert bij alles wat organisatie heet en waar alles georganiseerd moet worden, waren alle mogelijke hele en halve autoriteiten er steeds op uit, afstand te scheppen tussen de persoonlijkheid der vorstin en haar volk. Al te veel is voorheen de spontaneïteit verdronken in de officiële gewichtigdoenerij van bepaalde lieden, die bij feestelijke gelegenheden graag met een hoge hoed op een functie vervulden, die hen onderscheidde van het volk. Wellicht meenden zij, dat op deze wijze iets van de Koninklijke waardigheid afstraalde op hun deftigheid. In werkelijkheid stonden zij echter alleen maar een direct contact tussen vorstin en volk in de weg. Het volkomen gerechtvaardigde en te waarderen streven van prinses Wilhelmina, het koningschap in al zijn hoge waardigheid ongerept te handhaven, werd in deze omstandigheden door sommigen opgevat als een bewijs, dat eerbied en gemeenzaamheid niet kunnen samengaan.
 
De tweede wereldoorlog heeft de grote ommekeer teweeggebracht in de verhouding tussen prinses, toen koningin Wilhelmina en het Nederlandse volk. Misschien niet onmiddellijk, want haar vertrek naar Engeland heeft aanvankelijk velen, die zich tot dan toe altijd hadden voorgedaan als verknocht aan Oranje, met verbijstering en openlijk beleden teleurstelling geslagen. Paradoxaal genoeg waren het over het algemeen juist zij, die vóór de oorlog het minst demonstratief hun genegenheid voor het koningshuis hadden getoond, die in 1940 het eerst de wijsheid van dit vertrek begrepen en toejuichten. Het verloop der gebeurtenissen heeft hen in het gelijk gesteld. Want wie ook in Londen gefaald moge hebben - een gewezen minister-president, die een hem gegeven opdracht misbruikte om naar het bezette gebied terug te keren, andere autoriteiten, die het vertrouwen verloren in de zegepraal van de rechtvaardige zaak, die zij voorstonden - niet koningin Wilhelmina. In ballingschap gedreven evenals de stamvader van haar geslacht, is zij nooit meer koningin geweest dan toen. Zij bezat het onuitroeibare geloof in Nederland, in de verzetskracht van het Nederlandse volk tegen de tirannie, de onbuigzame wilskracht en energie die nodig waren om leiding te geven aan een op het eerste gezicht hopeloos lijkende strijd.
 
Zij had de waardigheid van het Nederlandse koningschap hooggehouden in tijd van vrede, niet voor zichzelf maar ter wille van het Nederlandse volk in de donkerste uren van zijn bestaan. Zij had, ruim veertig jaar eerder, haar belofte van trouw aan Nederland, zijn wetten en zijn vrijheid, bekrachtigd met een dure eed. En zij heeft die eed gehouden in de allersomberste omstandigheden met een onverzettelijk geloof, een onwankelbare trouw, een onbuigzame geestkracht. Waar anderen soms versaagden, heeft zij van het eerste ogenblik af leiding gegeven aan haar volk. Zij heeft het bemoedigd, zij is het voorgegaan. Zij heeft het toegesproken in de taal en de zegswijzen van dat volk, zonder omwegen, regelrecht uit het hart en recht op de man af. Er was geen afstand meer tussen het Nederlandse volk en de vorstin, die Nederland slechts had verlaten om Nederland des te beter te kunnen dienen. Zij leefde het eenvoudige leven van een Nederlandse vrouw en zij ontving in haar Londense woning de Nederlanders, wie het gelukt was aan de Duitsers te ontsnappen. En de Nederlanders zijn meer en meer gaan beseffen, welk een voorrecht het was in deze vrouw van groot karakter een koningin te bezitten, die zó onverdeeld en onbuigzaam de zaak van haar volk voorstond.

Geen staatshoofd is na een oorlog zo triomfantelijk en zo spontaan hartelijk en ontroerd door een volk verwelkomd als koningin Wilhelmina na haar terugkeer uit Londen. Twee jaar geleden (1948) heeft zij de Koninklijke waardigheid neergelegd. Zij had er een nieuwe, stille luister aan bijgezet. Het was haar wens terug te treden voor haar in de rijke school van haar leven gevormde dochter, koningin Juliana. Maar prinses Wilhelmina is er voor ons niet minder om gebleven: een waarlijk Koninklijke vrouw.


Geplaatst door L.J.A.Bakker 



Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter  
 
 

1.10.16

Een blik in (en uit) het verleden

door Eric van der Ent


Vandaag werpen we een blik op een blik uit het verleden. Dhr. P. van de Poll uit Hoogland stuurde ons een paar leuke foto's van en prachtig antiek Baarns blikje. Pure nostalgie.

Waarvoor het blikje oorspronkelijk werd gebruikt is mij niet duidelijk. Het lijkt op een opbergblikje voor sigaretten.  Het is een ovalen blik met de afmeting H/B/D = 17 / 11,7 / 2 cm. Misschien toch wat groot om sigaretten in te bewaren. In het blikje is een adres gestanst:


127
Fa. W. vd Brink
Vleeschhouwerij
Tel 23 Baarn


Alleen al het telefoonnummer brengt bij mij een glimlach op mijn gezicht. Nummer 23! Hilarisch. En wat is de betekenis van het nummer 127? Het staat vermeld op het blikje en op het deksel.
Natuurlijk is het ook leuk om uit te zoeken wie deze vleeschhouwer was en vooral van wanneer dat blikje dateert. Onze oude adresboeken uit Baarn brachten uitkomst. Vleeschhouwer W. van den Brink wordt in diverse adres- en telefoonboeken van 1888 tot 1939 vermeld. In 1888 nog zonder telefoonnummer, in de boeken van 1901 tot en met 1915 met telefoonnummer 23 en in 1917 krijgt hij opeens telefoonnummer 2205. We mogen dus vasstellen dat het blikje in ieder geval van vóór 1917 is, dus minimaal 100 jaar oud. Geweldig toch?

Onze vleeshouwer was Willem van den Brink (1864-1941), zoon van Hendrik van den Brink en Antje van de Hoek. Willem werd geboren in 's-Graveland en trouwde daar in 1889 met Margaretha Sophia Hafkamp (1863-1940). Uit het huwelijk werden vier kinderen geboren: Antje, Matje, Hendrik en Jan. De tweede dochter, Matje, mocht slechts één maand oud worden.

Een advertentie uit 1917, met een nieuw telefoonnummer
Al voor zijn trouwen, in 1888, begon Willem al een vleeshouwerij in Baarn, en wel aan de Dijkweg. Een paar jaar later verhuisde hij zijn bedrijf naar de Eemnesserweg 55. Zijn winkelpand bestaat nog steeds. Nu is daar makelaar Prins gevestigd, naast de ingang naar de grote parkeerplaats.

Vleeschhouwerij W. van den Brink, Eemnesserweg te Baarn
In 1939 werd Van den Brink nog vermeld als vleeschhouwer aan de Eemnesserweg. Hij was toen al 74 jaar oud en zou toen al 51 (!) jaar actief in Baarn zijn geweest, ware het niet dat hij al vanaf 1926 in de trouwaktes van zijn kinderen als 'zonder beroep' vermeld staat. Zijn beide zoons werden slager. Hendrik verhuisde naar Soest en Jan bleef, ook na de dood van zijn vader, in 1941 op dit adres aan de Eemnesserweg wonen en zette het bedrijf voort tot ver na vader Willem's dood.

De slagerij is al lang verdwenen, maar het blikje bestaat nog steeds. Een leuke aanleiding om weer eens te schrijven over een oude vleeshouwer uit Baarn.

Met dank aan dhr. P. van de Poll uit Hoogland.

Eric van der Ent

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

29.9.16

Autogarage Stegwee Leestraat


door Leen Bakker


Auto-Garage Stegwee, eigendom van Johannes Gerhardus Stegwee, was gelegen aan de Leestraat 28 in Baarn. De ingang van de garage was gelegen daar waar nu de achteringang is van supermarkt Jumbo, voorheen C1000.
Op de foto is helaas alleen de rechter persoon tot nu toe herkend. Dat is namelijk Anton Karel Eduard (Karel) van de Meent. De andere personen zijn waarschijnlijk collega's. Op de achtergrond ziet u een pand met daarop een bord waar op vermeld staat: Auto Garage Stegwee.  


Op de foto hierboven staan 2 personen waarvan we de namen niet kennen. Aan het reclamebord kunt u zien dat het wel om garage Stegwee gaat. De foto is genomen in 1933. Verder is te zien dat zij de dealer waren van het merk Ford.


Anton Karel Eduard (Karel) van de Meent is geboren op 02-01-1906 in Baarn, zoon van Sijmen van de Meent en Wilhelmina Catharina (Mietje) van Kesteren. Karel is overleden op 11-02-1980, 74 jaar oud. Hij is begraven op 14-02-1980 in Baarn, Nieuwe Algemene Begraafplaats aan de Wijkamplaan. Karel trouwde, 26 jaar oud, op 14-10-1932 in Baarn met Menke de Jong. Menke is geboren op 17 augustus 1910 in Groningen, dochter van Johannes de Jong en Janna Holvast. Menke is overleden op 22-05-1984. Zij is begraven op 25-05-1984 in Baarn, Nieuwe Algemene Begraafplaats aan de Wijkamplaan. Kinderen van Karel en Menke waren Mennie en Karel en ook nog 2 boers of zusters waarvan de namen begonnen met en J.



In de hierboven staande advertentie  uit 1927 is te lezen dat de heer J.G. Stegwee ook als chef is geweest bij de autofabriek van Spijker.

de huidige situatie

Bronnen:
Mevr. M. Duister-Van de Meent, Baarn
Mevr. Los - Scholten, Baarn
Historische kranten archief Eemland.

Geplaatst door L.J.A.Bakker 



Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter