donderdag 30 april 2015

Bevrijding van Kamp Dachau

De verhalen die we schrijven of soms ook krijgen gaan over Eemland en met als kern natuurlijk onze gemeente Baarn. Deze keer wil ik ter herinnering aan de 2e Wereldoorlog hierop een uitzondering maken.
Van Wim Veldhuizen kregen we het navolgende verhaal over de 2e Wereldoorlog.

Bevrijding van Kamp Dachau

Op 28 maart is er een presentatie van leerlingen van het Baarnsch Lyceum over Het Duitse concentratiekamp kamp Dachau bij München. RTV-Baarn zal hier een samenvatting van geven. Vanuit een heel andere hoek komt het nu volgende relaas over Dachau. Op 29 april 1945 werd het concentratiekamp Dachau bevrijd. Dat was een ‘Vernichtungslager’, een vernietigingskamp. De 1e luitenant Bill Walsh was één van de eerste van de Amerikanen, die het kamp binnenkwamen. Hieronder volgt een vrije interpretatie van zijn verhaal. Hij vertelde het bij zijn bezoek aan Europa eind april, begin mei 1970.

Hier volgt het relaas van 1e Luitenant Bill Walsh.
Toen we Zuid-Frankrijk binnen vielen, was ik ingedeeld bij de 157e compagnie infanterie van de 45e divisie. We vochten ons een weg naar het noorden. De gevechten in de Vogezen zullen me nog lang bij blijven. Toen we München naderden had ik  dus al veel meegemaakt. Wij dachten dat Dachau een gewoon interneringskamp was en wilden zo snel mogelijk de gevangenen bevrijden en dan oprukken richting Berlijn.

We kwamen die dag zonder zware gevechten aan bij Dachau, een lieflijk klein Beiers stadje. Een half uurtje later kwamen we bij het stationnetje en maakten kennis met wat Hitlers ‘Endlösung’ betekende. Ik geloofde mijn ogen niet. Waren dat echt lijken, die in die wagons lagen? Dat kon niet waar zijn! Ik had het gevoel in elkaar te zakken. Maar het was werkelijk waar: wagons vol met  lijken. Maar het waren geen soldaten die in een gevecht gesneuveld waren. Die aanblik kende ik helaas maar al te goed. Het waren burgers, mannen, vrouwen, kinderen. Ik schreeuwde het bijna uit van woede en ongeloof. Wie had dit op zijn geweten?

Toen kwam er een jonge, blonde Duitse officier aangelopen. Keurig in uniform met onderscheidingen en al. Het flitste door mijn hoofd: ‘Waar was die man en wat deed hij toen deze trein aankwam?’ We joegen hem in een wagon en sloten hem daar op bij de doden. De manschappen die ons volgden wilden verder terwijl wij de verdedigers van het kamp verzamelden en splitsten in SS en anderen. We wisten niet dat de ware schuldigen al gevlucht waren. We kwamen bij de gracht en de omheining van het kamp toen gejuich van de gevangen losbrak. We riepen hen toe zich kalm te houden en dat eten en hulp vlak na ons kwam. We gaven alles wat we bij ons hadden. Eén gevangene sprak Engels. Ik geloof dat het een Nederlandse marine officier of zeeman was. Hij wilde ons laten zien wat er binnen het kamp had plaatsgevonden. We gingen het kamp  binnen, werden omhelsd en gekust door de broodmagere gevangen in hun merkwaardige kleding. Ik wist niet wat me overkwam.

We passeerden een rij naakte lijken en dat vervulde mij met afschuw. Vervolgens gingen we de barakken in en wat we daar zagen tart elke beschrijving. In de stapelbedden staarden holle ogen mij aan vanuit verschrompelde schedels. Een oude, afgeleefde man reikte mij met zijn zwakke hand een Duitse sigaret aan. Ik weigerde beleefd, maar de gevangene die mij rondleidde fluisterde: ‘Neem het aan. Het is zijn enige bezit, maar hij wil het jou geven.’Ik ging naar hem toe en accepteerde voorzichtig de sigaret. Even verderop waren de hondenkennels. Sadistische SS-ers lieten die honden op de gevangenen los. Nog verder waren de verbrandingsovens, waar de lijken opgestapeld lagen te wachten op verbranding.

Ik voelde me miserabel en dacht dat het een nachtmerrie was, maar de vermagerde gevangenen om ons heen waren het bewijs dat we dit echt meemaakten en we werden ons bewust van de verschrikkingen van het kamp.

Weer terug bij de poort waren daar inmiddels mijn kolonel en een generaal van een andere divisie aangekomen. Ik moest rapport uitbrengen over de situatie. Het bevrijden van een concentratiekamp hadden we nooit geoefend. Alles was nieuw voor ons, afschuwelijk nieuw.

Toen ik weer terug was in de Verenigde Staten bezocht ik mijn vader, die in de Eerste Wereldoorlog in Europa had gevochten. Hoewel hij daar vreselijke ervaringen had opgedaan, kon hij mijn verhaal nauwelijks geloven. Helaas is het maar al te waar.

Met dank voor het verhaal aan:  Wim Velthuizen in Baarn

Leen Bakker

Geplaatst door L.J.A.Bakker


http://www.grijsvuur.nl

Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen