maandag 18 juni 2018

Herinneringen aan Santvoort

door Eric van der Ent



Afscheid van de Elisabethstraat. Het nieuw gebouwde
bejaardentehuis Santvoorde op de achtergrond.
Als je, zoals ik, inmiddels de 50 bent gepasseerd, komt het steeds vaker voor dat je je realiseert dat het leven voorbij vliegt. Vandaag bedacht ik me dat het alweer vijftig jaar geleden is dat het buurtje Santvoort gesaneerd werd. Voor de jongere lezer: Santvoort was een wijkje gelegen tussen Zandvoortweg en Berkenweg, achter de huidige Albert Heijn. In 1968 werd aangevangen met de sanering. Twee jaar later waren allle woningen aan de Elisabethstraat, Dijkweg en Johannalaan verdwenen en stonden daar de eerste nieuwe woningen aan straten als Elzenlaan, Essenlaan, Populierenlaan en Goudenregenlaan. Vijftig jaar! Dat zijn twee generaties Baarnaars die het buurtje nooit gekend hebben.

Gradje en Teus Koenen bij hun potkacheltje in de woonkamer. Achter opa Teus hangt zijn pijpenrekje.

Een vertrouwd gezicht: de dames Witzier,
Van den Brakel en Radstok keuvelen in het zonnetje
Mijn ouders woonden na hun trouwen op zolder bij mijn overgrootouders Teus en Gradje Koenen, Elisabethstraat 53, pal naast de lompenhandel van Luijer. In mijn herinnering was dat een super gezellige tijd. Een tijd waarin buren voor elkaar klaar stonden en waar het leven, als het weer het toeliet, vaak op straat plaatsvond. Bij de eerste zonnestralen in het voorjaar werden de tuinstoelen op straat gezet en kwamen de buurtjes bij elkaar om op straat een ‘bakkie’ te doen. Ik zie opoe Koenen nog zitten met buurtjes Luijer, Van den Brakel, Witzier, Keppel en Radstok. Geld was er niet, maar de buurtbewoners wisten met vrijwel niets gezelligheid te creëren.


Een luchtfoto van de sanering van de wijk Santvoort. De plek waar
een blok woningen aan de Goudenregenlaan een Elzenlaan moeten
komen is al vrijgemaakt.


Elisabeth Overeem op latere leeftijd met
 ‘haar’ straatnaambordje.
Het was een tijd waarin straten gewoon genoemd werden naar buurtgenoten. De Elisabethstraat heette oorspronkelijk Hanensteeg, maar de buurt vond de naam niet mooi genoeg. De link met ‘kemphanen’ werd gelegd. Besloten werd om de straat te vernoemen naar de eerstgeborene in de straat. Dat werd Elisabeth Overeem, naar haar is dus de Elisabethstraat genoemd. De Johannalaan in dezelfde wijk was vernoemd naar Johanna Oomsen, echtgenote van huisschilder Teunis van der Woord. Teunis liet een rijtje van zes woningen in de straat bouwen en noemde de straat gewoon naar zijn echtgenote. Blijkbaar kon dat in die tijd.


De sloop van de woningen aan de Dijkweg (1968)


De familie Luijer van de lompen- en metalenhandel
 aan de Elisabethstraat
Het buurtje stond vol met oude winkeltjes. Naast ons was handelaar in lompen en metalen Luijer te vinden. Melkboer Nagel, bakker De Gier, slager Metten en kapper Geijtenbeek in de Dijkweg. Aan de Berkenweg was groentehandel Ruitenbeek (alias Retenbuik) te vinden, maar mijn favoriete winkeltje stond tegenover Ruitenbeek. Dat was sigarenhandel van tante Saartje Ligtenberg aan de Berkenweg op de hoek met de Johannalaan.  Ik kwam er natuurlijk niet voor de sigaren en sigaretten, maar voor het snoepgoed. Voor een cent mocht je wat lekkers uitkiezen van een dienblad met trekdroppen, toverballen, spekkies, dennenkoeken en ander zoetigheid. Inderdaad, snoepjes kon je nog per stuk kopen. Dat waren maar een paar winkeltjes, er waren er veel meer.

Een blik op de Elisabethstraat. Rechts achteraan onze woning, het bestaat nog. Het rijtje links is gesloopt.

In 1968 werd dus begonnen met de sanering. Twee jaar later was er niets meer. Het was alsof er een streep door mijn jeugd gezet werd. In die twee jaar kwamen steeds meer woningen leeg te staan en verpauperde het oude buurtje in rap tempo. Het wachten was op de slopershamer, slopersbedrijf De Ruijter moet er een goede boterham aan verdiend hebben, want alles ging plat. We verhuisden met ons gezin naar de Goudenregenlaan. Volgens mij was ons rijtje huizen het eerste blok dat gebouwd werd. Om het blok lag een groot braakliggend terrein dat wij “het zwarte veldje” noemden.  Voor de kinderen in de buurt was dat het ideale speelterrein. Kuilen graven, hutten bouwen, voetballen op het veld. Plek genoeg. Ik dacht dat die speelvelden er ook voor eeuwig zouden blijven, maar natuurlijk werd ‘het zwarte veldje’ ook volgebouwd met woningen.

Uw schrijver en zijn buurmeisje Dineke van de Bunt op het ‘zwarte veldje’, de plek waar eens het buurtje Santvoort lag.

Met de sloop van de buurt verdwenen ook de kleine winkeltjes. Inmiddels had supermarkt Albert Heijn al een filiaal aan de Eemnesserweg, de winkeltjes in het buurtje hadden daardoor waarschijnlijk toch al geen kans om dat te overleven. 


Hoek Zandvoortweg / Troelstralaan, de nieuwbouw van Huize Santvoorde. De bouwkraan staat al klaar.
Oudere bewoners van het wijkje verhuisden veelal naar het bejaardenhuis Santvoorde dat nog maar net gebouwd was. De jongere bewoners kwamen vaak in de nieuw gebouwde woningen op dezelfde plek. In de nieuwe buurt hing daardoor ook het ons-kent-ons-gevoel, maar de sfeer was niet meer hetzelfde. Het oude vertrouwde buurtje was er niet meer.

De nieuwe straten in de buurt kregen namen van bomen en nog bestaande straten waarvan de woningen niet gesloopt zijn werden hernoemd. De Dallaan werd Beukenlaan, de Zandvoortlaan werd Eikenweg en Verlengde Dalweg werd Berkenweg. Als ik nu mensen spreek over de wijk Santvoort hoor ik vaak “daar mochten wij vroeger niet komen” of “daar liepen we met een boogje omheen”. De buurt had blijkbaar een slechte naam, maar in mijn herinnering was het de beste buurt om in op te groeien en woonden er de liefste en gezelligste mensen van heel Baarn. Dat de buurt moest verdwijnen was onvermijdelijk, maar de herinneringen zijn mooi. Misschien wel veel mooier dan de werkelijkheid, maar wat maakt dat uit.


Het nog overgebleven stukje Elisabethstraat, nu Populierenlaan. Rechts achteraan de woning van Opa en Opoe Koenen,
daarvoor het pand van Luijer en vooraan de dubbele woning van Van den Brakel en Witzier.
Aan het eind van het straatje de nieuw gebouwde woningen aan de Elzenlaan.
De woning van opa en opoe Koenen bestaat nog steeds. Het is één van de weinige huizen die de sanering overleefd hebben. Dat stukje Elisabethstraat heet nu Populierenlaan en als je die laan vanaf de Zandvoortweg in loopt is dat het laatste huis rechts. Compleet gehuld in een nieuwe gevel, maar het is er nog, zelfs vijftig jaar nadat de rest gesaneerd is en waarschijnlijk zal het mij overleven. Ik hoop het.


Eric van der Ent












Dit verhaal verscheen op maandag 18 juni 2018 in de Baarnsche Courant  in de rubriek

  ’Vandaag is morgen alweer gisteren (bruggetjes naar vroeger)’

Deze rubriek is een samenwerking tussen de Historische Kring Baerne en Groenegraf.nl    



Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter

Bent u geïnspireerd geraakt door dit oud-Baarn verhaal en wilt u zelf eens wat 
schrijven voor onze website? Stuur uw verhaal dan
 per email aan groenegraf.baarn@gmail.com

1 opmerking:

  1. Leuk om de familie Luijer op de foto te zien. Hoe vaak we daar niet kwamen als welpen en later verkenners van de Ernst van Kempengroep om het opgehaalde oud papier in te leveren. 4 cent per kilo deed het staat me bij. Altijd weer spannend als de 'buit' op de grote weegschaal werd gestapeld. Hoeveel kilo zou het dit keer zijn?

    BeantwoordenVerwijderen