donderdag 28 september 2017

De explosie van 15 juni 1994 in Baarn

Op woensdag 15 juni 1994 heeft zich in het pand Weteringstraat 32 te Baarn een explosie voorgedaan. Eén persoon is daarbij om het leven gekomen, ter­wijl twee kamerbewoners ongedeerd het pand hebben kunnen verlaten.

Gelet op het feit dat bij de explosie een slachtof­fer is omgekomen en vele persoonlijke bezittingen niet meer in veiligheid konden worden gebracht is een uitgebreid verslag van deze explosie opgemaakt. Centraal daarbij staat de vraag hoe een en ander heeft kunnen gebeuren.

Evaluatie
Naar aanleiding van deze explosie hebben een aantal evaluaties plaats gevonden, die door de volgende instanties zijn bijgewoond:

15 juni 1994 om 16.00 uur in de brandweerkazerne, aanwezigen: ~  Politie  ~ Brandweer ~ Burgemeester van Baarn ~ Slachtofferhulp ~ GGD ~ BOTU (bedrijfsopvangteam Utrecht van de politie)

28 juni 1994 om 19.30 uur in de brandweerkazerne aanwezigen: ~ Politie  ~ Brandweer ~ GGD ~ REMU (gasbedrijf) ~ Gemeente Baarn (Bouw en woningtoezicht) ~ Technische recherche.

4 juli 1994 om 13.30 uur in de brandweerkazerne aanwezige ~Politie ~Brandweer ~ Stichting Salvage

7 juli 1994 0m 19.30 uur in de brandweerkazerne aanwezigen de korpsleden van de brandweer van Baarn en Soest.

Beschrijving van de explosie
Het object
In het pand Weteringstraat 32 was gevestigd een rijwielzaak van de firma Hommes. De rijwielzaak besloeg de begane grond van het pand, die bestond uit een winkel, werkplaats en magazijn. Onder de werkplaats bevond zich een kelder. Deze kelder was alleen via de werkplaats bereikbaar. De eerste alsmede de tweede verdieping waren ingericht voor kamerbewoning en als zodanig ook verhuurd. De ingang bevond zich aan de achterzijde van het pand.

Het incident
Op woensdagochtend 15 juni 1994 om 07.48 uur werd de omgeving opgeschrikt door een explosie in de rijwielzaak van de firma Hommes. De explosie is door voorbijgangers en omwonenden gemeld via alarmnummer 06-11.
De brandweer van Baarn werd door de alarmcentrale van de Regio Eemland gealarmeerd om 07.50 uur. Deze rukte uit om 07.52 uur, waarna direct door de dienstdoende bevelvoerder middel alarm werd doorgegeven aan de alarmcentrale.
Om 7. 55 uur was de brandweer ter plaatse die in overleg met de politie een eerste verkenning uitvoerde. Gelet op de aard van het incident werd direct bijstand gevraagd door de toen aanwezige disciplines. Door omwonenden waren reeds met behulp van ladders de niet gewonde, doch hevig geschrokken, bewoners uit het nog redelijk overeind gebleven gebouw gehaald en ondergebracht bij de naast gelegen buren van het pand.
Aan de voorzijde was een menselijk lichaam zichtbaar, dat op een hoogte van 3, 5 mtr. bekneld zat tussen het puin.
Personeel van de GGD stelde een onderzoek in aan het slachtoffer en dekte de vermoedelijk overleden kamerbewoonster met een deken af. Om 08.15 is door een arts uit Baarn ter plaatse de dood geconstateerd.

I.v.m. de mogelijkheid dat er meerdere slachtoffers onder het puin aanwezig zouden zijn, heeft er via de regionale verbindingscommandowagen en het politiebureau van Baarn regelmatig overleg plaats gevonden om achter de mogelijke identiteit van de kamerbewoners te komen. Op het politiebureau werd in overleg met leden van slachtofferhulp en BOTU voor opvang van de slachtoffers, vrienden, familie en andere personen, zorg gedragen. Naast de aanwezigheid van Salvage (het overkoepelend orgaan van de verzekeringmaatschappijen) werd een beroep gedaan op het reddingshondenteam.

Om 14.00 uur is men begonnen fasegewijs het gebouw verder te slopen, zodat in samenwerking met de technische recherche en het gerechtelijk laboratorium gezocht kon worden naar sporen van de oorzaak van de explosie.

Analyse van de explosie
De explosie is waarschijnlijk ontstaan in de kelder van het gebouw, welke gelegen was aan de linkerzijde van het gebouw onder de werkplaats. De ontploffing is zo krachtig geweest dat in eerste instantie gedacht werd aan een aantal centimeters oplichten van de kapconstructie. Na bestudering van de gemaakte foto's is komen vast te staan dat door de explosie de linkerzijgevel volledig, vanaf het maaiveld, was weggeslagen. Hierdoor is de verdiepingsvloer en de kapconstructie ± 5 meter voorbij het punt van de linkerzijgevel geschoven. Het begin van een brand (brandsporen hebben dit aangetoond) is door de explosie zelf gedoofd.

Omdat de verdiepingsvloer en de kapconstructie hun steunpunten door het instorten van de zijgevel verloren, werden de aanwezige binnenmuren op de eerste verdieping mee omgetrokken. Het slachtoffer bevond zich in de kamer op de eerste verdieping aan de voorzijde van het gebouw en werd bedolven onder de ingestorte binnenmuur en de verdiepingsvloer van de zolder. De inzet van de brandweer en politie heeft zich dan ook in eerste instantie beperkt tot het in zekerheid stellen van eventueel meerdere mogelijk in het gebouw aanwezige personen. Voordat er met de sloop werd begonnen, zijn door de brandweer boven het ingestorte pand met een hoogwerker gasmetingen verricht. De gasconcentratie was vrij laag en werd veroorzaakt door openstaande gasleidingen in het gebouw.


Om 09.05 uur was de REMU (gas) ter plaatse, zodat vanaf de hoofdleiding in de Weteringstraat de gastoevoer kon worden afgesloten. De REMU heeft in samenwerking met Gastec N.V. (Nederland Centrum voor Gastechnologie) metingen verricht tussen de hoofdleiding en de gasmeter, teneinde ervan verzekerd te zijn dat het hier niet ging om een gasexplosie vanuit het distributienet.
de gasmeter

Bevindingen t.a.v. het gebeuren rond de explosie
Bij dit incident was er direct na de explosie een stabiele organisatie waar te nemen. Vrij snel was duidelijk dat we te maken hadden met zeker één dodelijk slachtoffer, dat de ravage enorm was en dat er mogelijk meer slachtoffers onder de puinhopen lagen.

De oorzaak van de explosie was niet duidelijk. Er werd rekening gehouden met een gasexplosie, vandaar dat snel de REMU gewaarschuwd werd. De komst van de REMU liet in de ogen van het hulpverleningspersoneel ter plaatse lang op zich wachten. In eerste instantie was de REMU telefonisch moeilijk te bereiken. Een intern communicatieprobleem zorgde voor een vertraagde reactie. In eerste instantie werd alleen de electriciteitsploeg gestuurd. Bij het ontdekken van de omissie werd de gasploeg alsnog nagestuurd.

Leiding en coördinatie bij de explosie
Vanaf het allereerste begin van de explosie is gekozen voor een gedeelde bevelvoering.
Daarbij fungeerde de officier van dienst van de brandweer als aanspreekpunt voor het brandweerpersoneel en voor de politiemensen was dat hun officier van dienst.
Beide officieren overlegden voortdurend en namen gezamenlijk de beslissingen.

Tot de fase van het justitiële onderzoek lag het zwaartepunt van de bevelvoering meer bij de brandweer. Op het moment dat de politiebelangen groter waren verschoof het zwaartepunt naar de officier van dienst van de politie. Grote voordeel van deze harmonieuze samenwerking was dat voor iedereen duidelijk was wie de verantwoordelijken waren. Beide officieren konden snel en adequaat zaken regelen via hun eigen disciplines.

Communicatie
Op de plaats van het incident werd gebruik gemaakt van een verbindingsnet (portofoon), hetgeen de communicatie vereenvoudigde. In een vroeg stadium werd gebruik gemaakt van de Regionale verbindingscommandowagen van de brandweer. Via dit voertuig is een telefoonverbinding tot stand gebracht met het politiebureau in Baarn, van waaruit bepaalde activiteiten ten aanzien van beeldvorming over mogelijke slachtoffers, slachtofferopvang en enkele meldkamerwerkzaamheden werden gecoördineerd. Via de meldtafel in het politiebureau in Baarn en de Regionale Alarmcentrale werden diverse instanties gewaarschuwd en zaken geregeld. Omdat veel activiteiten routinematig gebeuren is terugkoppeling via een checklist, wat niet gebeurde, aan te bevelen. De afstemming van het incident met de brandweer, politie en gemeentelijke diensten is redelijk goed verlopen.

Voor een opschaling van de bestrijdingsorganisatie als bij een ramp was geen reden. Daarom heeft de afstemming van de hulpverleningsdiensten in de verbindingscommandowagen plaats gevonden.

De media
Al vrij snel na de explosie waren de verslaggevers van de plaatselijke, regionale en landelijke schrijvende pers aanwezig. Ook de radio en televisiestations lieten van zich weten. Op de plaats van het incident werden de journalisten zoveel mogelijk opgevangen door de officier van dienst van de brandweer, omdat de persvoorlichter van de politie zijn post in Soest weer had betrokken, later voegde hij zich weer bij de plaats van het incident.
Om de pers te voorzien van informatie zijn twee perscommunicees uitgegeven, waarvan een om 10.00 uur in de verbindingscommandowagen ter plaatse en de ander om 15.00 uur in de brandweerkazerne. Hierbij waren vertegenwoordigers van alle hulpverleningsdiensten aanwezig.

De geneeskundige hulpverlening
Mede dankzij een gunstig tijdstip - er werd bij de ambulancedienst juist een wagen in gereedheid gebracht om gestationeerd te worden in de uitrukpost van Baarn - waren snel twee ambulances aanwezig. Het ambulancepersoneel kon niet veel uitrichten. Het dodelijke slachtoffer lag bekneld en kon niet eenvoudig bevrijd worden. Omdat de bergingswerkzaamheden nog enige tijde in beslag zouden gaan nemen, kreeg het ambulancepersoneel het verzoek zich op afroep beschikbaar te houden. Uit de evaluatie is gebleken dat onder dergelijke omstandigheden het beter zou zijn geweest een ambulance eenheid ter plaatse te houden. Tijdens de bergingswerkzaamheden kunnen altijd gewonden vallen.
 
Gemeente
Vanaf 08.15 uur tot middernacht 01.45 uur werden door een medewerker van de afdeling Bouw- en woningtoezicht de sloopwerkzaamheden nauwlettend begeleid. Ondanks de goede communicatie tussen deze medewerker en de bevelvoerders van de brandweer, bleek de rol van de medewerker van Bouw en woningtoezicht in het geheel niet bij iedereen bekend te zijn. Dit kan als gevolg hebben dat verkeerd materieel wordt aangevoerd, danwel de slopers niet weten wat hen te wachten staat. Ook bij het veiligstellen van persoonlijke eigendommen is het raadzaam dat deskundigheid bij instortingsgevaar niet in de wind wordt geslagen. Bij een dergelijk incident is het goed volgens een checklist te werken, waar en tot welk gebied de verantwoordelijkheden liggen.

Salvage
Om ± 09 .15 uur werd op verzoek van de brandweer door de Regionale Alarmcentrale Eemland aan de alarmcentrale van de verzekeraarshulpdienst een verzoek gedaan om de Salvage coördinator. Om 10. 05 uur meldde deze coördinator zich bij de verbindingscommandowagen. Na uitwisseling van gegevens is de Salvage coördinator begonnen met het treffen van schade beperkende maatregelen, zoals het dichtspijkeren van de kozijnen waarvan het glas door de explosie was gesprongen (buren Weteringstraat 32). Ook trof hij maatregelen voor het verzamelen van persoonlijke eigendommen welke aan IDG-Presto te Amersfoort werd opgedragen. De Salvage coördinator presteerde later onder de maat bij de sloopwerkzaamheden, omtrent het nemen van de verantwoordelijkheid voor de financiële afwikkeling van de sloopkosten en het veilig stellen van persoonlijke eigendommen. De samenwerking met de vertegenwoordiger van Salvage is dan ook niet vlekkeloos verlopen. In een gesprek op 4 juli j.l. heeft de Salvage manager toegegeven dat er coördinatiefouten zijn gemaakt.

Nazorg
Tijdens het eerste evaluatiegesprek op 15 juni in de brandweerkazerne sprak een medewerker van het Bedrijfsopvangteam van de Politie (BOTU) zijn waardering uit over de wijze van optreden van politie, brandweer en andere hulpverleners. Hij zag alles even goed en gestroomlijnd verlopen en had in het verleden het menigmaal anders gezien. Het bijpraten en de briefing onder de hulpverleners is en blijft belangrijk.

De oorzaak van het ongeval
De conclusies omtrent de oorzaak van de explosie zijn als volgt:

a. De explosie is vermoedelijk veroorzaakt door een gasconcentratie (LPG) waarvan door nog onbekende oorzaak uitstroming naar de onder de werkplaats van de rijwielhandel gelegen kelder heeft plaatsgevonden.

b. In deze kelder stond een compressor die automatisch in werking treedt zodra de buffervoorraad lucht in de ketel van de compressor is teruggelopen.

c. Door het aanslaan van de compressor heeft dit toen vermoedelijk in samenhang met de aanwezige gasconcentratie tot een explosie geleid.




de kelder





Geplaatst door L.J.A.Bakker
  http://www.grijsvuur.nl
Vragen, opmerkingen of tips? Neem gerust contact op. Uiteraard kunt u groenegraf.nl ook volgen op Facebook en Twitter  



Kom in actie en deel ook uw Baarnse herinneringen op Groenegraf.nl


 

1 opmerking:

  1. Foto's in het verslag: Geen enkele foto's is van het keldertje! Vreemde conclusie over de oorzaak waar wij nooit iets van gehoord hebben. Het bewuste LPG tankje was van een auto en is door mij persoonlijk na onderzoek opgehaald op het politiebureau en hier mankeerde niets aan (was volledig dicht en ook nog eens leeg) In deze kelder heeft zich nooit iets van gasopslag bevonden. Ben op deze voor mij zwarte dag de hele dag op de plek aanwezig geweest. Oorzaak is nooit bekend geworden.

    BeantwoordenVerwijderen